Blog Denise: Ineens lagen we op de grond

1427
Foto: Denise Miltenburg.

Het was nog donker. Ik zat met mijn kinderen op de fiets. Jippe voorop, op een zadeltje, en Bo achterop. We waren iets vroeger dan normaal. De vaart erin, want Bo had een kort kerstoptreden op school. Met haar klas moest ze kerstliedjes zingen voor de kinderen die naar binnen gingen.

Inééns sloeg een auto rechtsaf een parkeervak op de stoep in terwijl wij er schuin achter fietsten, of er al naast. We werden compleet afgesneden.

Ik remde en riep (de man achter me riep ook), maar zag de auto steeds dichter tegen ons aan komen. Snel naar rechts de stoep op fietsen kon niet, want er stond een paal van een verkeersbord. Ik zat met de kinderen precies tussen de auto en de paal. Met mijn knie probeerde ik de auto die nog verder naar rechts kwam van ons af te houden, bij de kinderen vandaan. Alsof dat lukt…

Wat er in die paar seconden allemaal door je heen gaat…

Ik dacht we worden hier gewoon compleet geplet. Tussen een auto en een paal. Was ik er al voorbij of zat ik er nog tegenaan? Het ging zo snel.

Voorbij het paaltje viel mijn fiets om. Ik kon de kinderen niet meer houden. Ze vielen op de stenen. Zelf maakte ik volgens mij een soort van duik. Allerlei gedachten gingen door me heen.

Ineens lagen we daar. Op de fiets, onder de fiets, naast de fiets? Ik weet het niet meer.

De kinderen krabbelden overeind.

‘Gaat het jongens? Heb je ergens pijn? Beweeg je benen even.’

Bo moest huilen van de schrik. Jippes hartje bonkte. We waren nog heel. Althans, zo leek het. Ik was blij dat we onze armen en benen nog konden bewegen. Dat onze hoofden nog heel waren en er geen bloed was. Dat de kinderen geen pijn hadden.
Zelf had ik wel pijn, maar het leek nog te gaan.

De vrouw was uitgestapt en ook geschrokken. Ze verontschuldigde zich. Meerdere malen. Ze had me niet gezien.
‘Waar kwam je vandáán?’

Het was niet mijn fout. De man achter ons (die ik aan het begin van de straat had ingehaald) beaamde dat gelukkig meteen. ‘Ik heb het gezien,’ zei hij.

‘Je kijkt gewoon niet!’ zei hij twee keer tegen de vrouw. Ze zei van wel,maar toch had ze ons gemist.

Mijn lichten had ik gewoon aan.

Ik troostte de kinderen en checkte mijn fiets. De stepjes van het zadeltje waar Jippe op had gezeten stonden schuin. Ze hadden een flinke jaap aan de zijkant van de auto gemaakt. Een diepe kras van bijna een meter. Ik zette ze weer recht.

We moesten verder, naar het liedje dat Bo met haar klas voor de andere klassen zou zingen die ochtend. Ik gaf de vrouw –die het zelf ook nog steeds heel rot vond- mijn kaartje. Ik dacht dat we alleen blikschade hadden. En ik alleen een beetje pijn in mijn knie. Dat we geluk hadden gehad dus.

Wonderwel deed mijn fiets het nog. Alleen mijn standaard zat een beetje los.

Nog geen 10 minuten later stond ik naar een kerstliedje te luisteren, alsof er niets gebeurd was. Bo had zich in haar groene jurkje (een lang shirt van mij) en met haar rode kerstmuts op tussen de zingende kinderen gewurmd en zong vrolijk en stoer mee.
‘Jingle bell, jingle bell, jingle bell rocks…’

Had een flinke jingle bell ons kunnen redden?

Mijn knie deed ineens heel erg pijn, maar ik probeerde er niet op te letten. Ik lachte naar haar, maar moest slikken. Daar stonden we, tussen de blije kinderen, leerkrachten en ouders.

Het had veel erger kunnen aflopen. Wat als Jippe in zijn eentje voor had gefietst? Of naast me… Brrr… ik wilde er niet aan denken.
Na het liedje liep ik even mee naar de klas; snel lichtte ik de meester in. Dat wilde Bo graag. Mochten de kinderen nog over pijn gaan klagen dan wist hij ervan.

Thuis merkte ik dat niet alleen mijn knie pijn deed (en heel blauw was), maar ook mijn heup en schouder. Zelfs mijn nek voelde ik een beetje.

En zo zat ik ineens op een donderdagochtend waarop ik nog 1000 dingen moest doen met ijslollie’s op mijn blauwe knie. Denkend aan een vriendin van mijn moeder die laatst met een klein fietsongeluk (iemand die zijn portier open sloeg) op straat viel en in coma raakte.
Zo snel kan iets kleins je complete leven verknallen. En dat van de mensen om je heen.

Vrijdag vulde ik samen met de automobiliste de papieren in voor haar verzekering. De voetstepjes die bij het zadeltje horen waar mijn zoontje op zat hadden een diepe kras aan de zijkant van de auto achtergelaten. Maar liever dat dan een nog veel ernstiger ongeluk.

Automobilisten, fietsers… Pas op allemaal! In het donker en schemer is alles vaak slecht te zien, ook al heb je je licht aan. En mensen doen soms gekke dingen.

Weet je wat nou zo bizar was? Dat ik daar nooit op donderdagochtend fiets. Ik fiets er elke dag van de week wel eens, maar nooit op donderdagochtend, omdat de kinderen op woensdag altijd bij hun vader zijn. Deze keer fietste ik er wel, omdat hij in Frankrijk was.

Het dubbele bizarre was dat het net voorbij de hoek met zijn straat gebeurd is. De straat waar ik ook jarenlang gewoond heb. Een plek waar ik al honderden (zo niet duizenden) keren ben langsgefietst.

Maar je weet het nooit. Een ongeluk zit letterlijk in een klein hoekje.

Met de kinderen gaat het goed. Die hebben nergens last van. Jippe voetbalde donderdag alweer op het schoolplein en het moment van vallen herinneren ze zich niet meer. Voor hen is het niet traumatisch geweest gelukkig.

Zelf heb ik een pijnlijke knie, heup, schouder en arm en sinds dit weekend ook mijn onderrug, maar het gaat. Ik heb de dokter bezocht, maar kon nog lopen en fietsen, ook al doet het een beetje pijn.

Het ziet er niet uit, maar als je me zo ziet, zie je het niet. Ik ben maar gewoon doorgegaan, want tja, wat moet je anders?

Als alleenstaande ouder kun je niet niks doen. Het drukke leven gaat gewoon door. Zaterdag moest er afgezwommen worden (Bo geeft B gehaald, zo fijn!) en zondag vierden we al 1e kerstdag bij mijn vader, met de stieffamilie. Met de kinderen nam ik (door werkzaamheden aan het spoor) maarliefst 6 treinen op 1 dag en we waren laat thuis, maar het was gezellig.

En nu? Mijn knie voelt niet helemaal oké. Als ik hem aanraak doet het pijn (‘Dan moet je ‘m niet aanraken mama’, haha), ik kan er niet op leunen en ik voel iets wat ik nog niet eerder heb gevoeld; dat baart me de meeste zorgen.

Over een dag of 5 moet het over zijn, of duidelijk minder. Ik hoop het. Want mijn lijf heb ik hard nodig!

Dus zit ik nu met mijn linkerbeen omhoog op mijn bureau, op een stapel papieren nog, en typ ondertussen verder.

Ik ben leniger dan ik dacht. 😉

Fijne kerst alvast!

 

In de kerstvakantie zullen nog twee blogs verschijnen, maar voor wie even offline gaat: alvast een heel gelukkig en vooral gezond 2017!

O ja, en mocht je van plan zijn in de kerstvakantie richting Den Haag te komen lees dan:

15 leuke en nieuwe koffie hotspots in Den Haag

Altijd leuk om te doen met kinderen in Den Haag

Leuke evenementen in Scheveningen in december

De foodboulevard van Scheveningen

Overnachten op de Pier (er zijn nog wat data vrij!)

Oud & Nieuwfeesten in Den Haag 2016-2017

 

DELEN