Blog Denise: Gered door een prullenbakje

1252
Foto: Denise Miltenburg.

Hij helde al een tijdje opzij. De man die naast me zat in de trein. Hij sliep.

Steeds verder zakte hij tegen me aan. Schouder aan schouder is tot daar aan toe, maar zijn hoofd hing nu ook opzij.

De jongen die tegenover me zat moest erom lachen. Die voelde ook hoe ongemakkelijk het was.

Hij schudde zijn hoofd, zo van ‘sommige mensen…’

 

Het was een Aziatische man. Van mijn reizen in Azië weet ik dat Aziatische mannen vaak op de gekste plekken kunnen slapen. Op een tafel, op de grond, in een marktkraam, het maakt niet uit. Dus een trein is dan eigenlijk superrelaxed. Het landschap dat rustig voorbij glijdt… Dat vráágt erom.

 

‘Ondertussen valt er in de trein iemand met zijn slapende hoofd bijna tegen me aan,’ twitterde ik. ‘Nog een paar centimeter…

 

Ik wilde een selfie met hem maken, maar ik durfde niet.

Zijn hoofd zakte tegen mijn schouder.

Ja hoor, het was zo ver.

 

‘Het is hem gelukt,’ twitterde ik.

Maar wat nu?

 

Gek is dat hè, dat je (of ik in elk geval) niet durft te zeggen: ‘Eh, meneer, zou u uw hoofd van mijn schouder willen halen?’

Ik durfde niet eens te gaan verzitten.

 

Gelukkig zat aan de andere kant van het gangpad een gezin. Een vader, een moeder, en twee verveelde kinderen. (Wat overigens niet de kinderen op de foto zijn, want dat zijn mijn eigen kinderen, een paar jaar geleden.)

De kinderen, een jongen en een meisje, waren aan het klieren. De ouders werden er gek van. De vader liet dat niet echt blijken; slechts één keer zei hij boos dat ze iets niet mochten doen. Hij las rustig verder wat hij aan het lezen was, zoals alleen mannen dat kunnen.

De moeder bleef ondertussen maar zuchten en corrigeren.

Tevergeefs.

 

Al een paar keer had de dochter het dekseltje van het afvalbakje naar beneden laten kletteren. Door er iets in te doen, door het per ongeluk aan te raken, en ik vermoed misschien zelfs wel een keer expres.

Iedereen die vaak met de trein reist weet dat er in bepaalde treinen afvalbakjes zijn met dekseltjes die áltijd te hard dichtklappen. Mocht je nooit met de trein reizen, ik zweer het je, het is één van de meest irritante geluiden die er bestaan.

 

Ik ben niet de enige die er een hekel aan heeft. Kijk maar eens op twitter.

Eh… nee dus.

 

Overigens klinkt het niet alleen rot, het zit ook nog eens op een onhandige plek.

 

Maar goed. Het meisje dat met haar ouders in de trein zat liet nog één keer dat dekseltje dicht kletteren. En voor één keer was ik degene die dat deed dankbaar.

 

De man die tegen mijn schouder aan in slaap was gevallen schrok op.

‘Sorry!’ zei hij. Hij verontschuldigde zich, maar ook lachend en verbaasd. Alsof hij niet had gezien dat hij naast mij was gaan zitten en pas nu besefte dat hij tegen een lange blonde dame aan in slaap was gevallen.

 

‘No problem,’ zei ik. ‘Het geeft niet.’

Ook al gaf het wel.

‘Wilt u dat nóóit meer doen?’ zeg je ook weer niet.

 

Ik glimlachte maar.

‘Volgens mij bent u aan koffie toe.’

 

 

 

 

 

DELEN