Je bent hier: Home > Thuis & wonen > Tijdens een tuinfeestje vloog het zoontje van Yvonne (31) in brand: ‘Hij schreeuwde dat hij niet dood wilde’

Tijdens een tuinfeestje vloog het zoontje van Yvonne (31) in brand: ‘Hij schreeuwde dat hij niet dood wilde’

Thuis & wonen
Tijdens een tuinfeestje vloog het zoontje van Yvonne (31) in brand: ‘Hij schreeuwde dat hij niet dood wilde’

Je let even niet op en je kind trekt een kop heet water over zich heen. 
Aan zo’n brandwond houdt niet alleen je kind levenslang littekens over, 
maar jij ook.

Lees ook: Tips om veilig vuurwerk af te steken met je kind

’Op een mooie zomerdag gingen we vorig jaar naar de verjaardag van mijn nichtje. Iedereen zat gezellig buiten en mijn zoontjes Luuk van vijf en Boaz van twee gingen achterin de tuin 
spelen. Ik ben daar eerst even 
heengelopen om alles te checken, daarna ging ik bij de volwassenen 
zitten kletsen. Maar na een half uur hoorden we een vreselijke schreeuw 
en zag ik dat Luuk in brand vloog.

Kennelijk had een jongen die ook op het feestje aanwezig was een Zweedse fakkel aangestoken met bio-ethanol. Dat ontplofte en door de windrichting ging de steekvlam recht op Luuk af. Het vuur begon bij zijn tenen en 
binnen een seconde of wat kroop 
het helemaal naar zijn hoofd. Hij schreeuwde: ‘Ik wil nog niet dood!’ 
Wat er dan door je heen gaat als ouder is onbeschrijfelijk. Iemand die bij Luuk in de buurt stond, probeerde het vuur uit te slaan en daarna heeft een ander hem opgepakt en is met hem in de 
achterliggende sloot gesprongen. Dat zorgde ervoor dat het vuur meteen geblust was. Mijn man en ik hebben daarna Luuk onder de douche gezet en probeerden kalm te blijven. Maar ondertussen vielen de vellen van zijn gezicht af. We hadden daardoor 
meteen door dat het ernstig was, maar hoe erg wisten we nog niet.

‘Er schoten allerlei gedachtes door mijn hoofd’

Tien 
minuten later waren de hulpdiensten er en werd Luuk met de ambulance naar het brandwondencentrum in Rotterdam gebracht. Daar werden zijn wonden behandeld. Hij had toevallig zijn pyjama die avond al aan waardoor zijn benen en armen gelukkig bedekt waren. Dat is misschien wel zijn 
redding geweest want onder zijn pyjama had hij geen wonden. Op zijn handen en gezicht had hij wel tweede en derdegraads brandwonden. Ik was blij dat Luuk het had overleefd, maar 
ik was ook erg ongerust over mogelijke littekens. Iedereen die we ernaar 
vroegen, kon ons daar niks over 
vertellen. Die onzekerheid vond ik moeilijk. Er schoten allerlei gedachtes door mijn hoofd: wat als hij op zijn gezicht littekens zou hebben? Wordt hij dan later met die littekens gepest? Of wordt hij daar zelf onzeker van als puber.

Het was vreselijk om Luuk op bed te zien liggen – ingezwachteld en suf van de medicijnen. Na een paar dagen kreeg hij verschrikkelijke jeuk, maar krabben mocht niet. Ik sliep bij hem in bed en als hij ‘s nachts jeuk had, dan legde ik 
uit waarom hij er niet aan mocht zitten en probeerde ik hem af te leiden. Gelukkig 
is Luuk een erg intelligent kind, dus hij begreep het en sloeg zich er moedig doorheen.

Hij mocht naar huis, maar moest twee keer per week op controle komen. Alles verliep voorspoedig en na een paar maanden zagen we een mooi glad huidje op de plek van de wonden verschijnen. Ze hadden me gewaarschuwd dat je eerst mooie huid ziet en daarna de littekens zich pas vormen. Ik was er zo angstig voor, dat ik die informatie van me afzette. Dat is bij andere kinderen misschien zo, maar niet bij Luuk, hield ik mezelf voor. Maar na een paar maanden zag je steeds duidelijker een litteken zitten aan de onderkant van zijn gezicht. Luuk had het daar echt moeilijk mee. Mensen vroegen er steeds naar, en hij ging zich ervoor schamen. Hij wilde niet meer op foto’s of hij hield zijn hand voor zijn gezicht. Dat vond ik zo moeilijk om te zien. Ik bleef zeggen dat hij nog net zo mooi 
was, ook met dat litteken. Maar hij moest het zelf accepteren. ‘Als ik het kon, zou ik het van je gezicht halen en op de mijne plakken,’ zei ik vaak.

Wat Luuk erg hielp was dat hij foto’s zag van andere mensen die ernstig verbrand waren. Dat bleek de sleutel van zijn 
acceptatieproces. ‘Ik ben niet alleen,’ zei hij. Het leek alsof er daarmee iets vanbinnen 
in hem veranderde. Hij accepteerde dat hij het litteken had en werd weer de vrolijke, 
zelfverzekerde jongen die hij voor het ongeluk was. Hij ziet het nu als iets dat bij hem hoort en een stukje van zijn levensverhaal vertelt. Het is niet iets dat hem anders maakt. Hij weet dat dit hem niet meer of minder bijzonder maakt dan andere kinderen. ‘Iedereen maakt iets mee,’ heb ik hem gezegd. ‘Bij sommigen zie je 
het alleen niet en bij jou zit het aan de 
buitenkant.’ Dat soort dingen hielpen 
hem om het te relativeren.

‘Ineens beseften we dat een feestje kan eindigen in een drama’

Naast het fysieke aspect moesten we het psychologische aspect verwerken. Boaz 
had zijn broer ook in brand zien vliegen. 
In het begin waren ze allebei angstig 
bij elk geluid; van een vliegtuig tot een 
grasmaaier. Gelukkig ging dat na verloop van tijd over. Mijn man en ik moesten het ook verwerken. Ineens beseften we dat een feestje kan eindigen in een drama. Daar probeerden we niet al te lang bij stil te staan. Natuurlijk gaat het nog steeds door je hoofd, ook een jaar later, maar we laten er ons leven niet door bepalen. Het heeft ons ook in positieve zin verandert. Ik ben me veel meer bewust van hoe mooi het is wat ik heb. En ik ben elke dag dankbaar dat we mijn zijn viertjes samen van het leven mogen genieten.’

Ook Hetty (30) en het kind van Gaby (39) liepen brandwonden op. Hun verhalen lees je in de nieuwste Flair, die t/m 31 juli in de winkel ligt.

Beeld: iStock

Shoppen is altijd een goed idee