Je bent hier: Home > Thuis & wonen > Kim-Lian: ‘Eééénig! Zo ben je tenminste apart, Kim,’ riep mijn moeder’

Kim-Lian: ‘Eééénig! Zo ben je tenminste apart, Kim,’ riep mijn moeder’

Thuis & wonen
Kim-Lian: ‘Eééénig! Zo ben je tenminste apart, Kim,’ riep mijn moeder’

Kim-Lian van der Meij (35) is actrice en presentatrice. Ze woont samen met Daniel (36), met wie ze drie kinderen heeft: Ronja (8), William (6) en Benjamin (3). Elke week schrijft ze in Flair over haar drukke leven.

Lees ook: Kim-Lian: ‘Dit is het moment dat het moet kunnen’

‘Goedemorgen brillie!’
‘Hé Brilsmurf!’
‘Hoi schele, met je jampotglazen!’
Een kleine greep uit de opmerkingen die ik voor mijn kiezen kreeg als kind. Met name door kinderen op school of tijdens het buitenspelen. Ik ben geboren met een afwijking aan mijn ogen. Mijn ouders vonden het toch opvallend en een tikkie zorgwekkend dat ik me als peuter zo vaak stootte aan kastdeurtjes en hoeken van tafels en struikelde over elke drempel. Ik zat altijd onder de blauwe plekken. Na een bezoekje aan de oogarts bleek dat ik een sterkte (zwakte dus eigenlijk) van -3 had aan beide ogen en een afwijkende cilinder. Ik moest aan de bril.

Dat was al flink achteruitgegaan naar -6 op mijn achtste en uiteindelijk liep ik in groep acht met bijna -7,5. De glazen waren in die tijd écht dik, dus probeerde mijn moeder dat te verbloemen door ze in een heel opvallend montuur te laten plaatsen. En zo liep ik als elfjarige met een Tante Til-achtige bril op mijn neus. Je weet wel, van De Familie Knots: ‘Een kloddertje hieeeer en een kloddertje daaaaar.’ Zo’n vlindermodel in felgroen en roze. ‘Eééénig! Zo ben je tenminste apart, Kim,’ riep mijn moeder verheugd. Mijn moeder juichte uniciteit altijd erg toe. Vooral niet met de meute meelopen. Aangestoken door mijn moeders gemeende enthousiasme, ging ik dus trots naar school met mijn nieuwe, hippe bril.

‘‘Eééénig! Zo ben je tenminste apart, Kim,’ riep mijn moeder’

Ik zag de andere kinderen kijken en dacht in eerste instantie dat ze mijn bril móói vonden. Totdat een meisje net iets te hard tegen een paar andere kinderen fluisterde: ‘Sjongejonge, die bríl!’ Haar toon was doordrenkt van walging, onbegrip en leedvermaak. Ik vergeet het nooit meer. ‘Zo ben je tenminste apart, Kim,’ hoorde ik mijn moeder als steun door mijn hoofd echoën. Maar als onzekere ik-ben-nog-op-zoek-naar-mijn-identiteit-puber dacht ik daar nét even anders over. Ik wilde niet apart zijn, wilde niet opvallen. Of ja, wel als het mooiste, slimste of populairste meisje van de klas, als het effe kon. Maar niet door mijn ‘kekke’ bril. Na dat moment heb ik de bril in mijn tas gegooid – hij gleed toch steeds af – en heb ik bijna stekeblind de schooldag afgemaakt. Na thuis heel hard gehuild te hebben, werd de bril ingeruild voor contactlenzen. En sindsdien heb ik er echt nooit meer een opgehad.

Tot een jaar geleden. Inmiddels loop ik al jaren met een sterkte van -9,5 en merk ik dat mijn ogen moe worden van lenzen: dag in, dag uit. Laseren is helaas geen optie, want daar zijn mijn ogen niet geschikt voor, riepen ze bij de kliniek. Lekker dan. Toch weer de brillenzaak binnengestapt dus. Het werd een brilletje voor de avonden op de bank, een rustmoment voor mijn ogen. Zálig. En jawel: ik kies voor een lekker opvallend modelletje. Een Tante Til-bril. Of een Nana Mouskouri. Of gewoon een Kim-Lian. Mijn moeder had toch gelijk. Ik hoef niet met de meute mee te lopen. En ik voel me er heerlijk bij. Had ik als elfjarige maar zo veel zelfvertrouwen.

Volg jij onze huishoudpagina al? Hier vind je al onze huishoudtips handig op een plek: www.facebook.com/flairathome

Shoppen is altijd een goed idee