Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Thuis & wonen > 11 dingen die je zeker herkent als je de tandarts haat

11 dingen die je zeker herkent als je de tandarts haat

Thuis & wonen
11 dingen die je zeker herkent als je de tandarts haat

De tandarts: of het nu gaat om een routinecontrole of iets heftigs als het trekken van je verstandskiezen, je gaat niet voor je plezier heen. Toch is het een noodzakelijk kwaad, want een stralende lach is natuurlijk jouw handelsmerk en dat gaat nu eenmaal beter met pearly whites dan met grijsgele stompjes.

Gelukkig ben je niet alleen in je tandartsenhaat. Als jij elk half jaar -okee fine, elk jaar- met lood in je schoenen naar de tandartspraktijk sjokt, zal je deze 11 dingen zeker herkennen.

1 Je bent een geslaagde volwassene, inclusief mapjes voor je administratie, internetbankieren én een inboedelverzekering – maar je moeder regelt nog steeds je tandartsafspraken. Of belt om je eraan te herinneren “dat het weer tijd is.”

2 In de wachtkamer neem je altijd plaats op dezelfde stoel (dichtbij de deur, zodat je kan ‘vluchten’) en overweeg je altijd na een minuut of twee om alsnog te vertrekken, gepaard met paniekerige gedachten als: “Nu kan het nog. Ik kan nu nog weg! Ik zeg gewoon dat ik een noodgeval heb op mijn werk en… *assistent roept naam* .. Shit.”

3 De paar uur voor je naar je afspraak moet, probeer je de algehele nalatigheid omtrent jouw poetsroutine te compenseren door vijf keer achter elkaar te poetsen en speciaal voor de gelegenheid mondwater aanschaffen. Dat je vervolgens nooit meer gebruikt.

tandarts

4 Je probeert krampachtig niet te kijken naar dat kleine tafeltje vol dreigend uitziende apparaten.

5 Tijdens de behandeling focus je je altijd op dezelfde verkleurde poster – inderdaad, die van een grote tand en hoe zoiets er van binnen uitziet. Waarom is het altijd zo’n poster? Als je geïnteresseerd was in de dwarsdoorsnede van een tand, was je zelf wel tandarts geworden.

6 Als de tandarts vraagt of je flost, denk je aan die ene keer in 2008 dat je -bij wijze van experiment- een flosdraadje tussen je linkertand hebt gehaald om vervolgens te antwoorden: “jazeker”.

7 Je hebt al om verdoving gevraagd voordat je überhaupt in de stoel ligt. “Ik heb een heel lage pijngrens!”

tandarts3

 

8 Je angst maakt acuut plaats voor ergernis als je mond volledig vol zit met van die rare watten, fluor, mondklemmen, zuigapparatuur, verdovingsmiddelen en wie weet wat nog en de tandarts vraagt: “hoe vaak draag je je nachtbeugel eigenlijk nog?”

9 En ook daar lieg je uiteraard over. “Elke nacht”

10 Als je eindelijk uit de stoel mag, is je rug doordrenkt van angstzweet en probeer je je kleffe zweethandjes nonchalant weg te lachen en aan je broek af te vegen

11 Als je vervolgens weer buiten in de frisse lucht staat, voel je je tien kilo lichter en neem je je voor om vanaf vandaag écht te gaan flossen – of vanaf volgende week misschien, je nieuwe afspraak is toch nog niet gemaakt…

tandarts2

 

Lees ook:

 

Shoppen is altijd een goed idee