Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Relatie & Seks > Sandra (37) zat 12 jaar lang in de schulden: ‘De rekeningen stapelden zich op’

Sandra (37) zat 12 jaar lang in de schulden: ‘De rekeningen stapelden zich op’

Sandra (37) zat 12 jaar lang in de schulden: ‘De rekeningen stapelden zich op’

Op haar 23ste had Sandra Doevendans (37) honderdduizend euro schuld én een baby. Door keihard te werken, wist ze uit de ellende te komen. “Als je gaat geloven dat je zielig bent, berust je erin.”

Warm nest

“Ik ben geadopteerd uit Sri Lanka en was een maand oud toen ik naar Nederland kwam. In een oer-Hollands gezin in Amstelveen groeide ik op. Mijn familie bestond uit echte Amsterdammers, bij verjaardagen werden de armen ingehaakt en zongen we mee met Johnny Jordaan. Kleedjes en paardenworst op tafel. Maar toen gingen mijn ouders scheiden en het werd een vechtscheiding, dat was heel naar. De band met mijn vader en zijn nieuwe vrouw was niet goed, daar ging ik op mijn vijftiende met slaande ruzie de deur uit. Ik woonde daarna bij mijn moeder. Ik deed de havo, maar deed weinig en vond school niet zo interessant. Achteraf denk ik: waarom was er geen docent die mij wat meer bij de les hield? Waarom keek niemand door dat stoere masker van mij heen? Eigenlijk was ik gewoon op zoek naar liefde en geborgenheid.”

“Rond mijn zestiende ging ik op mezelf wonen, met mijn toenmalige vriendje van zeventien. Mijn eindexamen haalde ik niet vanwege een onvoldoende te veel. Ik besloot te stoppen met de havo, ik had al een bijbaantje in de horeca, dat best goed verdiende en werd daarna – via mijn moeder – accountmanager bij een uitgeverij. Ik had een vlotte babbel en kwam overal binnen; in no time had ik een groot netwerk. Zo kwam het dat ik amper 21 was toen een kennis vroeg of ik geen café wilde overnemen in de Pijp in Amsterdam. Ik ging kijken en het zag er leuk uit. Het was een voormalige Ierse pub. Wel een pijpenlade en erg donker, maar ik bedacht meteen dat ik er ramen in zou maken. Via via boden investeerders zich aan: een bierbrouwer en een gokkastenbedrijf. Ik zou hen maandelijks afbetalen voor de koelingen, het bier en de gokkasten. Ze maakten er een mooi verhaal van, alsof ik een goedlopende zaak overnam, maar nu weet ik dat dat café bijna failliet was en dat de brouwer en de gokkastenman hun investering kwijt zouden raken als er geen nieuwe koper kwam. De overnamekosten bedroegen zestigduizend euro, de brouwer en gokkastenman investeerden ieder twintigduizend en zelf moest ik nog een persoonlijk krediet van twintigduizend euro afsluiten.”

‘Als ik failliet ging, moest ik in de schuldsanering’

“Ik besloot het te doen. Ik was jong en dan denk je anders dan iemand van 35. Ik huurde het pand en verving de pooltafel voor een leestafel. Voor ik genoeg geld had om de zaak verder te verhippen en te verbouwen – ik wilde het met raampartijen lichter maken – moest ik eerst wat verdienen. Dag en nacht werkte ik in mijn café. Ik had een vaste klantenkring, waaronder veel gepensioneerden en mensen die elke dag na hun werk even langskwamen. Ook de werknemers van de coffeeshop aan de overkant kwamen na sluiting vaak langs. Dat het zo donker was, was wel een nadeel: mensen stapten niet snel spontaan binnen. De wijk veryupte, maar daar profiteerde ik niet van: de nieuwe buren kwamen niet borrelen en klaagden wel over geluid. Na een vechtpartij in de zaak verbood ik een bepaalde groep klanten de toegang. Dat kostte me veel inkomsten. Ik werkte van ’s ochtends vroeg tot ‘s avonds laat, het café was mijn hele leven. Maar de rekeningen stapelden zich op. Ik trapte er ook nog in toen een verkoper aan de deur kwam met een supermooi verhaal over hoe een website mijn zaak zou redden. Ik tekende voor 48 maanden en kreeg al snel spijt. Ik belde om het contract op te zeggen, maar dat kon niet meer, zeiden ze. Anderhalf jaar nadat ik mijn café was begonnen, kon ik de brouwer niet meer betalen. De keuze was failliet gaan of de zaak verkopen. Als ik failliet ging, moest ik in de schuldsanering. Ik besloot het café te verkopen en deed de zaak van de hand voor veel minder dan ik er zelf voor had betaald.”

Aanmaningen

“Ik bleef alsnog met een ton schuld zitten, aan onder meer de brouwerij, de bank en de energieleverancier. Ik kreeg ook nog steeds aanmaningen van die websitebouwer met dat wurgcontract dat ik weigerde te accepteren. Ik was 23 en bleek plotseling ook nog zwanger, van mijn vriend die ik in het café had leren kennen. Mede door alle stress
gingen we al snel uit elkaar, maar we bleven wel vrienden en zijn dat nu nog. De brieven van schuldeisers stroomden binnen, dus ik zocht snel een baantje, dat vond ik in een gokhal. Mijn hele zwangerschap was ik alleen maar aan het regelen, want ik woonde ook nog eens in een tijdelijk huis. Nesteldrang betekende bij mij geen babykamer inrichten, maar mijn zaken op orde krijgen. Ik belde alle aanmaningen en brieven na: wat voor schuld is dit? Kunnen we een regeling treffen? Het was overleven. Ik heb geen enkele foto van mijn zwangere buik.”

“Het gekke is: ik heb het destijds nooit als zwaar ervaren, ik deed het gewoon. Wel waren er soms momenten van wanhoop. Ik weet nog dat ik een keer in de auto zat en keihard heb geschreeuwd, uit frustratie. Uiteindelijk had ik de kleine schuldeisers weggewerkt, betaald van mijn baantje in de gokhal, en met de grote schuldeisers had ik betaalafspraken gemaakt. In totaal hoefde ik maar vierhonderd euro per maand af te lossen. Zo zou het eindeloos duren om van de schuld af te zijn, maar de brievenstroom stopte en ik kon tenminste studeren. Dat was de reden dat ik niet in de schuldsanering wilde: dan moet je fulltime werken en ik wilde terug naar school, anders had ik helemaal geen toekomst. Overdag werkte ik, ’s avonds ging ik naar school om de benodigde certificaten voor de universiteit te halen. Mijn zoontje werd geboren en ik mocht starten aan de Vrije Universiteit, het werd de studie Culturele Antropologie en Ontwikkelingssociologie. Ik leende de volledige studiefinanciering – daarvan betaalde ik de aflossing van de schulden – ging overdag naar school en zorgde daarna voor mijn zoon. ’s Nachts leerde ik voor mijn tentamens. Als ik een tentamenweek had of een essay moest inleveren kwam het voor dat ik één uur sliep, mijn baby borstvoeding gaf en hem naar de crèche bracht om zelf weer naar college te gaan. Na mijn afstuderen ging ik fulltime werken, eerst als intercedent, later als projectleider, trainer en coach, en betaalde zo veel mogelijk schuld af. Nu ik meer verdiende, kon ik meer aflossen: zevenhonderd euro per maand.”

Moe

“Een paar jaar geleden mocht ik in de schuldhulpverlening. Dat kon niet toen ik nog studeerde en daarna kwam er een andere kink in de kabel. Ik was nog steeds juridisch in gevecht met de websitebouwer en zijn wurgcontract: zolang die schuld – met bijkomende kosten zo’n achtduizend euro – nog ‘in de lucht hing’, kon ik geen traject beginnen. Uiteindelijk won ik de zaak en mocht ik een minnelijk traject in: de gemeentelijke kredietbank betaalt dan in één keer je schuldeisers, jij betaalt hen een vast bedrag af en een klein deel wordt kwijtgescholden. Na twaalf jaar was het eindelijk klaar en lag die brief van de gemeentelijke kredietbank op de mat: u hebt alles betaald. Ik zou me blij moeten voelen, maar dat was niet zo.”

‘Houdt het dan nooit op, dacht ik wanhopig’

“Ik was moe en had het koud. Ik ging in bed liggen en wilde er niet meer uit komen. Ik snapte er niets van: ik hoorde nu toch dolgelukkig te zijn? Maar een vriendin vond het helemaal niet gek. ‘Je bent moe,’ zei ze. ‘Eindelijk.’ Ze had gelijk, nu kwam het eruit. Ik wilde de deken over mijn hoofd trekken en slapen. Zoals ouders van baby’s en kleine kinderen moe zijn, was ik dat nu, twaalf jaar later. Destijds kon ik het me niet veroorloven om uit te rusten, nu wel. Maar goed, de tijd verstreek en de zon ging weer schijnen, letterlijk ook: het werd lente.”

Lees ook
Sophie (31) betrapte haar man met hun 8-jarige dochter: ‘‘Ik gaf haar seksuele voorlichting,’ zei hij’

Geluk

“Na al die jaren voorzichtig zijn met geld, was het heerlijk om met mijn zoon spontaan ergens te kunnen gaan lunchen of naar een pretpark te gaan. In al die jaren waren we één keer in de Efteling geweest, omdat de tante van een vriendin vrijkaartjes overhad. Zoiets is niet te betalen als je op een houtje moet bijten qua geld. Nu had ik alleen nog de aflossing van mijn studieschuld, maar dat was niet zo veel. We namen Netflix, gingen uit eten. Ik zag weer mogelijkheden. Nu kan ik eindelijk een huis kopen, dacht ik, daarmee zouden mijn woonlasten omlaag gaan. Ik huurde in de vrije sector en dat is een stuk duurder dan koop, met hypotheekrenteaftrek. Ik vond mijn droomhuis en tot mijn grote geluk werd mijn bod uit alle biedingen geaccepteerd. Ik had een brief geschreven met mijn verhaal en de verkoper, een oudere man, gunde het mij. Maar toen belde de hypotheekadviseur: ‘Waarom heb je niet gezegd dat je een schuld hebt gehad?’ Ik dacht dat dat niet meer relevant was, ik had alles afgelost, maar toen bleek dat er nog vijf jaar lang rode kruisen achter je naam blijven staan. Houdt het dan nooit op, dacht ik wanhopig. Ik heb toen een brief naar de bank gestuurd en mijn verhaal gedaan. Toen zij mij toch een hypotheek besloten te geven, kon ik mijn geluk niet op.”

Lees het hele verhaal van Sandra in Flair 20-2021. Wil je deze editie (na)bestellen? Dat kan kan hier

Tekst: Eva Munnik | Fotografie: Marloes Bosch