Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Relatie & Seks > Nynke heeft een miskraam gehad: ‘Mocht ik wel huilen? Ik had toch al drie mooie kinderen?’

Nynke heeft een miskraam gehad: ‘Mocht ik wel huilen? Ik had toch al drie mooie kinderen?’

Nynke heeft een miskraam gehad: ‘Mocht ik wel huilen? Ik had toch al drie mooie kinderen?’

Gemiddeld maakt één op de vijf vrouwen een miskraam mee. Nynke, Carin en Judith vertellen over de enorme impact die hun miskramen op hun leven hadden. “Dan moet je naar huis. Zonder zwangerschap, zonder baby. Enkel met een enorm gevoel van leegte en verdriet.”

Nynke (39) is (stem)actrice en docent, getrouwd en moeder van Tygo (13), Ninthe (11), Fenne (9), Sep en Ise. Ze had het gevoel dat ze niet mocht rouwen om haar miskramen, omdat ze al drie gezonde kinderen had.

“Mijn man en ik droomden altijd van een gezin met vier kinderen. Dus toen onze jongste dochter twee jaar oud was, voelde het als de perfecte tijd om een vierde te krijgen. Het was al snel raak, we voelden allebei heel sterk dat het een jongen zou worden. Bij de tienwekenecho hoorden we dat het hartje niet klopte. Dat kwam echt als een klap, maar ik probeerde het verdriet van me af te zetten en door te gaan. Toen ik kort daarop weer zwanger bleek te zijn, was de eerste echo wel goed. Nu zou dat vierde kind er dan toch komen! Dit keer voelden we allebei dat het een meisje ging worden. Ik probeerde mijn geluk te temperen. Maar vanbinnen ging ik toch al nadenken over het kind dat er zou komen. Ik vertelde het voorzichtig aan wat mensen, kreeg de eerste felicitaties, het eerste cadeautje…

Het plan was om het nieuws na de dertienwekenecho op feestelijke wijze aan onze kinderen te vertellen. Maar dat hoera-gevoel verdween bij die echo. ‘Het hartje klopt niet,’ kregen we te horen. Een aanwijsbare reden waarom ook deze zwangerschap niet goed was gegaan, konden ze niet vinden. Het was gewoon pech. Ik kon kiezen uit een curettage waarbij het kind wordt weggehaald, een pil om het op gang te helpen of wachten tot het vanzelf op gang kwam. Wij wilden het laatste.

De dagen die volgden ging ik door met de dagelijkse dingen: het brengen en halen uit school, het eten op tafel zetten. Ik vroeg me af wanneer het op gang zou komen. Het voelde zo tegenstrijdig: ik wilde het kind het liefst bij me houden, maar wist ook dat het niet anders kon. Een week later stond ik in de Intertoys toen ik scherpe pijnen voelde. Ik ben snel naar huis gegaan en de weeën kwamen op gang. Maar ik verloor nog helemaal geen bloed, het kindje liet niet los. Houd je onbewust zo vast aan je kind dat je lichaam het niet wil laten gaan? Dat weet je natuurlijk niet, maar zo voelde het wel. Ik wilde thuis bevallen.

Het ziekenhuis associeerde ik met de geboorte van mijn kinderen. Ik wilde daar niet uitlopen zonder een kind. Maar toen het niet op gang kwam, moest ik wel. In het ziekenhuis werd ik ingeleid. De pijn, weeën, alles voelde als de bevalling van mijn oudste drie kinderen. En toen was daar het kindje. Ze paste in mijn handpalm. Zo ontzettend mooi en compleet. Ik hield haar vast, maakte nog wat foto’s. De verpleegkundige kwam kijken.

Zij vond het kindje ook zo mooi en vroeg of ze haar aan anderen zou mogen laten zien. Daar denk je vooraf niet over na. Je hebt daar geen plan voor. Ik vond het eigenlijk wel een mooi idee dat anderen haar zouden zien. De verpleegkundige nam haar mee. Wat er daarna met haar is gebeurd, weet ik niet. Maar het was goed, en zo voel ik dat nog steeds. En dan moet je naar huis. Zonder zwangerschap, zonder baby. Enkel met een enorm gevoel van leegte en verdriet.”

Lees ook
Marit: ‘Afvallen was niet meer voldoende, ik was pas tevreden als ik strak was’

Twee sterretjes

“Ik vond het in de periode erna moeilijk om het verdriet toe te laten. Ik had toch al drie mooie kinderen? Alsof ik op de hiërarchie van verdriet niet te veel mocht voelen. Ik moest mezelf echt gunnen dat ik mocht rouwen. Mijn man en ik hebben ons samen door deze periode heengeslagen. Wat daarbij hielp was de verloren kinderen een naam geven. We hebben ze Sep en Ise genoemd.

Ook onze kinderen vertelden we over het broertje en zusje die dood waren gegaan in mama’s buik. Ik ben blij dat we zo open met ze zijn geweest. Onverwachts bleek dat zij er veel aan hebben dat er nog twee kinderen waren. Onze zoon wilde altijd een broer. Nu heeft hij dat broertje in Sep. En onze dochter wilde niet meer de kleinste van het gezin zijn. Dat is ze ook niet, want ze heeft nog een broertje en zusje.

Ik had al een tatoeage met de letters van mijn oudste drie op mijn arm staan. Daar heb ik een hart en twee sterretjes bij laten zetten. Zo draag ik ook Sep en Ise met me mee. Dat geeft me een fijn gevoel van erkenning dat ze er waren. Ze komen ook voor op onze kerstkaarten. Bijvoorbeeld in de vorm van twee ballonnen op de achtergrond. Ik ben moeder van vijf kinderen. Alle vijf vormen ze onderdeel van ons gezin en dat zal altijd zo blijven.”

Naast Nynke hebben ook Carin en Judith een miskraam gehad. Hun verhalen lees je, naast die van Marit, in Flair 33-2021, de editie die t/m 24 augustus in de schappen ligt. Wil je ‘m liever laten bezorgen? Bestellen (of nabestellen) kan hier.