Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Relatie & Seks > De man van Nilüfer Gündoğan overleed aan kanker: ‘Het allerergste is je dierbaren zien lijden’

De man van Nilüfer Gündoğan overleed aan kanker: ‘Het allerergste is je dierbaren zien lijden’

De man van Nilüfer Gündoğan overleed aan kanker: ‘Het allerergste is je dierbaren zien lijden’

Ze waren twee maanden samen toen Bas, de grote liefde van Nilüfer Gündoğan (43, Tweede Kamerlid voor Volt), hoorde dat hij ongeneeslijk ziek was. Ze besloten te trouwen en kregen een kind, maar toen hun zoontje vier maanden oud was, overleed Bas. Makkelijk is het niet geweest, maar Nilüfer is gelukkig: “Er hangt geen sfeer van dampende depressie in huis, wij hebben een vrolijk leven.”

Horrorfilm

“Vanaf dat moment hadden we een relatie. We waren al snel serieus, praatten over samenwonen. Het voelde gewoon heelprettig. We bekenden aan elkaar dat we allebei bij de eerste ontmoeting al dachten: die is leuk! Toen ik uit het bestuur van D66 ging, dacht Bas: ik moet haar snel appen voor een date, voordat ze bezet is. Al na twee weken ontstond het idee om samen een verre reis te maken, een maand  Vietnam en Cambodja. Waarom niet, dacht ik: in het ergste geval krijgen we ruzie en dan reis ik wel alleen verder.  ‘In het vliegtuig naar huis ga ik dan ver van jou vandaan zitten,’ grapte ik. We kochten vliegtickets en ik weet nog dat ik rond die tijd aan mijn zusje toevertrouwde: ‘Dit zou hem weleens kunnen zijn.’ Maar het ergste scenario bleek veel erger dan ruzie op vakantie. Bas had last van buikpijn. Een tijd lang negeerde hij dat, maar uiteindelijk ging hij toch naar de huisarts. Die zag iemand die nooit klaagt en liet er geen gras over groeien.”

“Hij stuurde Bas door naar een internist in het ziekenhuis. Ook zij vertrouwde het niet, al wezen de eerste onderzoeken niets geks uit. Op een vrijdag, niet lang voor we naar  Vietnam zouden vertrekken, kon Bas nog snel een echo laten maken. Het zullen wel poliepen zijn, dachten we. Maar hij moest maandag al weer terugkomen voor een coloscopie, dan bekijken ze met een camera de darm. Bas kwam op de verkoeverkamer bij van het roesje toen de dokter binnenkwam. Het gezicht van de arts zei het al voordat zij het zei. Ze schudde haar hoofd. Terwijl ze begon te praten, was het alsof ik een vrije val maakte waarbij ik me nergens aan kon vastklampen. Het was niet goed, ze hadden meerdere tumoren gevonden. Bas had darmkanker en het was uitgezaaid. Het zat ook in zijn lever, bleek een paar dagen later in het Antoni van Leeuwenhoekziekenhuis.”

“Wij gingen niet naar Vietnam, in plaats daarvan bivakkeerden we in het ziekenhuis. Iedereen was optimistisch: Bas was jong en kon genezen, dachten de artsen. Zelf was hij enorm aangeslagen, maar ook vastberaden om het te overleven. Misschien is het anders als je tachtig bent, maar als je nog zo jong bent, denk je: I’m gonna beat this shit. Helaas werkt het niet zo. Het is geen kwestie van wil, het is een kwestie van hoe agressief de kanker is. In de maanden erna kwamen we erachter dat Bas van alle mutaties juist díé had waar chemo niet tegen opgewassen is. Een vorm met weinig keuzemogelijkheden qua behandeling, een vorm die qua hevigheid normaal gesproken eigenlijk niet voorkomt bij mensen onder de vijftig. Toch bleven wij – en ook de artsen – hoopvol.”

Romantische bruiloft

“We waren vijf maanden bij elkaar toen Bas me ten huwelijk vroeg. Ik was jarig, maar omdat Bas net chemo had gehad, besloten we een paar dagen later pas een borrel te geven. De eerste dagen na de chemo voelde hij zich niet goed genoeg voor feestjes. We zaten rustig thuis – in Bas’ huis waar ik na Anna’s advies was ingetrokken – met alleen een vriendin van mij op bezoek. Opeens ging hij op één knie. Ik kreeg kortsluiting in mijn hoofd: wat doe jij nou? Ik hapte als een goudvis naar lucht. Bas grapte daarna nog tijden:  ‘Als je Nilüfer stil wilt krijgen, moet je haar ten huwelijk vragen.’”

“Dat was in juni 2014, een jaar later zouden we trouwen en daarna op huwelijksreis gaan naar Indonesië. Maar we kregen lelijk nieuws: Bas was niet meer te genezen. Achteraf denk ik: ik had het kunnen weten, aangezien hij zo’n agressieve kanker had die op geen behandeling goed reageerde. Maar toch kwam het bericht onverwacht. Je kunt ook niet anders dan hoop houden, denk ik. Zo hebben wij er in elk geval altijd in gestaan: hoopvol. Toch zou Bas niet beter worden, vertelden de artsen. Het was heel ongebruikelijk dat het zo hard ging, hij had echt pech met de ongunstigste vorm die je kunt hebben. Een paar maanden later dan gepland trouwden we. ‘Als je niet meer tijd hebt om te leven, moet je meer leven in tijd stoppen’, vond Bas. Eerst trouwden we voor de wet in Nederland en daarna met een mooi feest in Zuid-Frankrijk. We hadden een chateau in een wijngaard gehuurd. Het was superromantisch met olijf- en fruitbomen en een intieme groep familie en vrienden. Ik droeg een prachtige witte jurk, die ik truttig vond toen de verkoopster ermee kwam aanzetten, maar waar ik verliefd op werd toen ik hem aanhad. Hij paste perfect bij de romantische omgeving van onze bruiloft.”

“Het was een heerlijk weekend met te veel alcohol. Ons verhaal bestaat niet alleen uit kanker en ellende. Al komt er een fase waarin de ziekte het definitief overneemt. Voor het zover was, wilden we een kind samen. Tot dan toe hadden we alles vanuit gevoel gedaan, we gingen voor alles wat we nog mee wilden maken. Ik wist dat het niet makkelijk zou zijn, maar ook dat ik het kon, zeker met de steun van mijn familie. De grootste vraag was of ik naar ons kind toe kon verdedigen dat het niet lang een vader zou hebben. Dat kon ik en zo denk ik er nog over: onze zoon is enorm gewenst, van hem werd al gehouden voor hij überhaupt bestond en die liefde is alleen maar groter geworden. Bovendien hield ik me vast aan het idee dat Bas er tot en met de kleuterjaren nog wel zou zijn, dat hij nog minstens vijf jaar had. Niet veel later was ik zwanger. Bas was op een borrel van zijn werk toen ik de test deed. Ik kon niet wachten en stuurde hem een foto van de twee streepjes op het staafje. ‘Is dat wat ik denk dat het is?’ appte hij meteen terug. Halsoverkop kwam hij naar huis, wat waren we blij.”

Lees ook
Barbara (43) ging door een maagverkleining van 115 naar 63 kilo: ‘Aan de buitenkant ben ik een totaal andere vrouw’

Euthanasie

“In oktober 2016 werd onze zoon geboren. Ik ben nog nooit zo verliefd geweest als op Mikail. Zijn naam komt in onze beide culturen voor, de Turkse en de christelijke. De aarts-engel Michael was de soldaat van god die de duivel wegjaagt,hij stond aan de goede kant. Nog tijdens mijn zwangerschap hadden we te horen gekregen dat de chemo niet meer aansloeg, maar we vonden in Duitsland een type chemo waar Bas wél goed op reageerde. In eerste instantie werden de tumoren minder en kleiner, het ging goed! Maar toen Mikail amper een maand oud was, vertelden de Duitse artsen ons dat de tumoren toch weer groeiden: Bas’ hele buik zat vol. Nog geen drie jaar na de diagnose en anderhalf jaar na de mededeling dat het ongeneeslijk was, gaven de artsen hem nog een halfjaar. Telkens weer waren ze verbaasd hoe snel het ging, sneller dan in hun ervaring en in de statistieken.”

‘Ik weet dat dat niet realistisch was, maar ja, mensen kopen ook een oudejaarslot, al is de kans dat je wint verwaarloosbaar’

“De klap kwam bij mij nog harder aan dan bij Bas. Om de een of andere reden was ik er van overtuigd gebleven dat hij nog even zou blijven leven, dat er alternatieve behandelingen en medicijnen zouden komen. Bas hoopte dat hij de eerste verjaardag van ons kind zou meemaken, maar ik dacht dat hij er misschien wel zou zijn tot onze zoon een kleuter was. Ik weet dat dat niet realistisch was, maar ja, mensen kopen ook een oudejaarslot, al is de kans dat je wint verwaarloosbaar.”

“Bas en ik maakten aan de keukentafel een lijst van wat we nog met z’n drietjes wilden doen. Op één stond: naar Parijs. Gek genoeg was Bas – die toch erg reislustig was – daar nog nooit geweest. Het zou onze eerste en laatste gezinsvakantie worden. Op de foto die ik van Bas met Mikail op zijn arm op de Eiffeltoren maakte, zie je een gelukkig man, maar ook duidelijk dat hij stervende is. Stockholm, New York en San Francisco stonden ook op de lijst. Het zou er niet van komen. In januari kreeg Bas een halfjaar, in februari stelden de artsen dat bij naar  ‘weken’. Bas nam een film op en vulde een schrift voor onze zoon, dicteerde teksten toen schrijven niet meer ging. Hij had heel weinig energie, maar probeerde toch een paar uur per dag naar buiten te gaan, in het tempo van een hoogbejaarde man.”

“Op een dag trof ik hem huilend in de badkamer aan. ‘Ik heb zelfs oedeem aan mijn lul, Nil.’ Die stoere man op die barkruk was een soort skelet geworden met zwellingen bij zijn enkels, op zijn hele lijf, zelfs op zijn penis. Mensonterend. ‘Zijn jullie het eens met mijn keuze?’ vroeg hij zijn ouders en mij over zijn besluit tot euthanasie. ‘We zijn het eens met je keuze, maar niet met je lot,’ zei ik. Het kwam er spontaan uit, maar het is de essentie van euthanasie, denk ik. De avond voordat Bas euthanasie zou krijgen, liepen we met onze hond en de kinderwagen in het park. We spraken over een partij als de SGP, die tegen euthanasie is en hoe onbegrijpelijk dat is. Niemand wil sterven, maar het allerergste dat je mee kunt maken is je dierbaren zien lijden. Die gun je verlossing. Het rare is dat Bas en ik nooit uitgepraat raakten en dat tegelijkertijd alles gezegd was. Ik heb hem nog mijn afscheidsrede laten lezen, voor zijn uitvaart. In maart 2017 is hij overleden.”

Lees het hele verhaal van Barbara in Flair 24-2021. Wil je deze editie (na)bestellen? Dat kan kan hier

Tekst: Eva Munnik | Fotografie: Petra Hoogerbrug