Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Real Life > Renske nam wraak op haar schoonmoeder: ‘Zijn moeder houdt zich in, tot het moment dat we alleen zijn’

Renske nam wraak op haar schoonmoeder: ‘Zijn moeder houdt zich in, tot het moment dat we alleen zijn’

Renske nam wraak op haar schoonmoeder: ‘Zijn moeder houdt zich in, tot het moment dat we alleen zijn’

Als Renske (28) gaat samenwonen met Olav, krijgt ze zijn moeder mét bipolaire stoornis er gratis bij. Die laat geen kans onbenut om haar zwart te maken. Renske slikt het allemaal, tot ze de ideale gelegenheid ziet voor een payback. “Ik heb eindelijk wraak genomen, al zal zij daar nooit achterkomen.”

“Glimlachend keek mijn schoonmoeder me aan. ‘Hier, neem een koekje!’ Uitnodigend, of liever gezegd opdringerig, hield ze het bordje onder mijn neus. ‘Het zijn Olavs lievelingskoekjes,’ vervolgde ze. Nu kende ik Olav op dat moment al ruim drie jaar en ik had hem nooit over die koekjes gehoord. Maar goed, ik wilde niet flauw doen, dus nam ik nietsvermoedend een hap. Ik proefde het meteen: pinda’s. Terwijl Eef weet dat ik een ernstige notenallergie heb. Snel spuugde ik het koekje uit in mijn hand, maar mijn lippen begonnen al te tintelen. In paniek vroeg ik: ‘Zitten hier noten in?’ Waarop Eef geschrokken uitriep dat ze daar totáál niet aan had gedacht.

Haar besmuikte glimlach zei echter het tegenovergestelde. Dat is de enige keer dat Olav echt boos op haar is geworden. Mijn schoonmoeder heeft een bipolaire stoornis en vertikt het medicijnen te nemen, dus we hebben heel wat met haar te stellen. De eerste keer dat ik met haar kennismaakte, waren Olav en ik net aan het daten. We studeerden allebei nog en hij had thuis bij zijn moeder een grote zolderetage. We zouden theedrinken met zijn moeder en daarna samen een film kijken. Toen ik binnenkwam, leek Eef heel normaal, behalve dat ze wat overdreven hartelijk deed. Ze begroette me alsof ik haar verloren dochter was.

‘Dat schampere lachje als ze weer laat merken dat ze Olav echt veel beter kent’

Ik vond dat een beetje gek, maar ook wel lief. Dat laatste sloeg al snel om: halverwege de film stormde ze de trap op. Woest was ze. Olav was vergeten de kattenbak te verschonen, terwijl hij had beloofd dat te doen. Haar hysterische tirade werd gevolgd door het legen van de kattenbak, midden in zijn kamer. Daarna stoof ze weg. Olav schaamde zich dood en bleef zich excuseren voor het gedrag van zijn moeder. Hoewel ik me kapot schrok en mijn eerste reactie was dat ik moest maken dat ik wegkwam, had ik ook medelijden met hem. Daarbij was ik verliefd. Dus bleef ik om de film af te kijken. Toen ik later wegging, stond Eef bij de deur en deed ze alsof er niets was gebeurd. Met een brede glimlach zei ze me gedag.”

Steken onder water

“In het begin leek Eef dol op me. Zo dol dat ze me, toen Olav en ik twee jaar samen waren, aanmoedigde stiekem zwanger te worden. Bij haar had dat goed uitgepakt, zei ze. Ik zei maar niets terug. Vreemd genoeg sloeg haar liefde om in jaloezie toen mijn relatie met Olav echt serieuze vormen begon aan te nemen. Aanvankelijk uitte zich dat nog in steken onder water.

Opmerkingen als: ‘Goh, wat zie je er gezond uit’, vergezeld van een misprijzende blik als ik een paar kilo was aange-komen. Of: ‘Draag je je haar vanaf nu altijd zo?’ als ik net van de kapper kwam. En altijd dat schampere lachje als ze weer zo nodig moest laten merken dat ze Olav toch echt veel beter kende dan ik. Ook kwam ze altijd geld tekort. Dus als Olav en ik een nieuwe televisie kochten, of een in haar ogen te dure vakantie hadden geboekt, volgde er commentaar over hoe decadent dat allemaal wel niet was. Aan de andere kant schroomde ze niet te vragen of ik haar kon koppelen aan de vader van mijn beste vriendin, nog geen twee maanden nadat de beste man zijn vrouw aan kanker had verloren.

Dat is geloof ik de enige keer geweest dat ik haar de mond wist te snoeren met een ijzig ‘Absoluut niet’. Zelfs zij voelde aan dat ze te ver was gegaan, al sputterde ze nog wat over een kennis die weduwnaar werd en na een halfjaar alweer hertrouwd was. Ik vond het vervelend, maar voor Olav is het echt zielig. Ik vind dat hij zich veel te verantwoordelijk voelt voor zijn moeder. Zijn vader had al eerder eieren voor zijn geld gekozen, die kon niet meer leven met Eefs continue moodswings en is bij hen weggegaan en hertrouwd.

Sindsdien had Olav tegen wil en dank de rol van ‘man des huizes’ op zich genomen. Ook toen hij en ik gingen samenwonen, deed ze nog te pas en te onpas een beroep op hem. Zo knipte ze elke week kortingsbonnen uit alle kranten en moest Olav haar elke zaterdag naar tig verschillende supermarkten rijden, omdat bij de een de sperziebonen in de aanbieding waren en bij de ander de koffie vijf cent goedkoper was. Of ze belde ’s nachts hysterisch op omdat ze weer eens ruzie had met de buurvrouw over de klimop die tegen de gedeelde muur groeide en zogenaamd haar woning aantastte. Een keer liep de ruzie zo hoog op, dat ze ’s nachts over de heg klom om de plant eigenhandig van de muur te rukken. Op de terugweg viel ze lelijk en kneusde ze haar enkel, zodat wij weer uit ons bed werden gebeld om haar op te vangen.

Ik erger me inmiddels rot aan Eef. Het scheelt dat Olav heel goed begrijpt waar mijn irritatie vandaan komt en me af en toe lekker stoom laat afblazen na weer een incident. Het is dus niet zo dat haar irritante gedrag een wig tussen ons drijft. Sterker nog: Olav ergert zich ook groen en geel aan haar. Maar dat is natuurlijk nog geen reden om het contact te verbreken. Ze blijft zijn moeder.

Lees ook:
Joyce won tweehonderdduizend euro: ‘Je leert zo je vrienden wel kennen’

Intussen zijn er ook kleine, zuigende dingen die hij niet ziet. Waarschijnlijk omdat ze zich inhoudt totdat we alleen zijn, en dan doet ze het nog op zo’n manier dat je niet weet of ze het expres doet of niet. Zo had ik me eens laten ontvallen dat ik gek ben op de serie Homeland. Toen we de keer erop op bezoek waren, had ze ineens alle seizoenen op Netflix gekeken, zogenaamd omdat ik haar enthousiast had gemaakt.

De werkelijke reden was dat ze nu ‘per ongeluk’ kon vertellen wat er allemaal ging gebeuren in het seizoen dat ik nog niet had gezien. Daar ging mijn kijk­plezier: ze had alle essentiële scènes al verraden. Een andere keer gingen Olav en ik een weekendje naar Kopenhagen. Eef zou bij ons slapen om de kat te voeren. Ze stond erop en ik durfde niet te weigeren.

Het hele weekend bestookte ze ons met berichten die langer waren dan een gemiddelde blogpost, vergezeld van foto’s van haar twee chihuahua’s die op onze bank lagen te kwijlen. Toen we thuiskwamen, merkte ik tot mijn afschuw dat ze in mijn spullen had gesnuffeld. Het bewijs was het discrete juwelendoosje met vibrator dat ergens achter in mijn nachtkastje stond: die lag nu ineens onder het bed.”

Subtiele wraak

“Mijn frustratie werd steeds groter. Ik wist alleen niet goed hoe ik dat gevoel kwijt kon raken zonder ruzie te veroorzaken. Daarbij besefte ik dat ik nooit van haar zou kunnen ‘winnen’: real life Olavs moeder zou nooit veranderen. En toch heb ik wraak genomen toen ik de kans kreeg, al zal zij daar nooit achterkomen. Een van Eefs tics is dat ze verslaafd is aan krasloten. Dat hangt natuurlijk samen met haar eeuwige geklaag over geld. Ze leeft in de illusie dat ze op een dag een grote geldprijs wint en dus vraagt ze ons altijd een kraslot mee te nemen als we langskomen. Als cadeautje, want het is haar eigenlijk te duur. Ik vind het onzin, maar Olav zegt altijd: ‘Ach, als zij dat nou leuk vindt.’ Dus doe ik daar niet moeilijk over.

Toen ik op een dag bij haar langsging om iets af te geven, vroeg Eef of ik even voor haar naar de supermarkt wilde fietsen. Het kwam met bakken uit de hemel, maar ze was zo verkouden en hoestte er demonstratief bij. Ze duwde een boodschappenbriefje in mijn hand en ik kon niet weigeren. Op het lijstje stonden waxinelichtjes. Nee, daar kun je inderdaad geen dag langer op wachten, dacht ik chagrijnig. En er stond nog iets: een kraslot, met vier uitroeptekens. Ik kocht beide en fietste terug door de stromende regen. Bibberend belde ik aan, maar Eef deed niet open. Ik belde haar mobiel. Ze nam niet op, maar belde na een minuut of vijf terug: ‘Och kind, ik dacht dat je niet meer terugkwam. Ik voelde me ineens beter en ben even naar de bibliotheek gegaan.’ Mijn mond viel open, ik wist niet wat ik moest zeggen. Eef ging ervanuit dat ik wel even zou wachten tot ze terug was. In de regen!

Ik hing op en voelde het kraslot in mijn zak. In een impuls pakte ik mijn sleutelbos en begon de vakjes open te krassen. Ik zag een klavertje. Toen nog één. En nog één. Het zou toch niet? Ik checkte wat de symbolen betekenden. Drie klavertjes: duizend euro! Ik checkte nog een keer, maar het was echt zo. Ik kon mijn ogen niet geloven, had altijd gedacht dat je hooguit vijf euro kon winnen met die dingen, maar dit was toch even iets anders. Het begon te onweren en Eef was nog steeds niet terug. Ik stopte het lot in mijn zak en fietste terug naar het winkelcentrum waar ik het kraslot verzilverde, een nieuw lot kocht en dat op weg naar huis, samen met de waxinelichtjes, in een plastic zak aan haar deur hing. Eenmaal thuis kroop ik achter de computer om de designertas te bestellen waarop ik al een tijdje verliefd was. Zo Eef, dacht ik, dan kun je daar volgende week weer een rotopmerking over maken. Sindsdien kan ik iets beter omgaan met de hele situatie. Ik moet nog steeds geregeld tot tien tellen. Maar als ik op zo’n moment naar mijn geweldige tas kijk, zet ik me eroverheen.”

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je dan gratis in voor onze nieuwsbrief.

tekst Vivienne Groenewoud