Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Real Life > Annemiek hielp als vrijwilliger op een corona cohort-afdeling: ‘Ik zag heel zieke mensen naar adem snakken’

Annemiek hielp als vrijwilliger op een corona cohort-afdeling: ‘Ik zag heel zieke mensen naar adem snakken’

Annemiek hielp als vrijwilliger op een corona cohort-afdeling: ‘Ik zag heel zieke mensen naar adem snakken’

In het begin van de coronacrisis kwam er een enorme druk op de zorg te staan. Er werden cohort-afdelingen opgezet om de ziekenhuizen te ontlasten. Annemiek (59) hielp in maart 2020 vrijwillig op zo’n afdeling. “We hadden een gezamenlijk doel voor ogen: de helpende hand zijn voor de mensen die ons nodig hadden.”

Zorgen

Annemiek: “Zorgen voor een ander hoort bij me, al van jongs af aan. Als kind zijnde hielp ik voortdurend al anderen. Ook toen ik op mezelf ging wonen, was ik altijd degene die klaar stond voor een ander. Ik heb de opleiding tot ziekenverzorgende gevolgd – tegenwoordig heet dat verzorgende IG (verzorgende individuele gezondheidszorg, red.) Daarna heb ik ruim 36 jaar in de zorg gewerkt, van gehandicaptenzorg tot pleeg- en verzorgingshuizen. In 2016 ben ik overgestapt naar een sociaal-maatschappelijk werkteam. Ik kon niet langer de zorg bieden die ik graag wilde; er moest meer administratie worden bijgehouden. Ik was dus veel bezig met dingen noteren en steeds minder met de cliënten.

Ik vond het leuk bij het sociale wijkteam, waar ik mensen op sociaal-maatschappelijk vlak ondersteunde. Totdat de coronacrisis uitbrak en we thuis moesten gaan werken. In plaats van gesprekken bij mensen aan de keukentafel, voerden we gesprekken via de telefoon. Dat was bijna niet te doen; je mist 80% van de communicatie als je mensen belt. Ik vond het lastig, wilde iets doen voor de maatschappij in die hectische tijd. Toen heb ik me aangemeld bij Extra handen voor de zorg (een crisisorganisatie opgezet tijdens de eerste golf van de coronapandemie, red.). Met mijn huidige werk besprak ik de mogelijkheden: zou ik vrijstelling kunnen krijgen hiervoor? Uiteindelijk werd ik opgeroepen voor een cohort-afdeling. Ik kreeg vrijstelling van mijn werk en ben zes weken als vrijwilliger aan de slag gaan.”

Verbinding

“Medewerkers kwamen van heinde en verre, uit Groningen, Limburg, Zuid-Holland, Zeeland. We hebben met z’n allen een afdeling opgebouwd waar echt nog niks was. Er stonden alleen bedden. De eerste dag zijn we begonnen met kastjes vullen, bedden opmaken, alles inrichten. We hebben een verdeling gemaakt van de taken: verzorgen, wassen, aankleden, medicatie en/of zuurstof toedienen, de voeding regelen. Vervolgens kregen we een stoomcursus verpleegtechnische handelingen – ik was zes jaar uit de zorg geweest.

Meteen was er een soort verbinding, een saamhorigheidsgevoel. Medewerkers kwamen van verschillende plaatsen, hadden verschillende leeftijden en functies. Er was echt een groot leeftijdsverschil; de jongste was zo’n 23 jaar en de oudste 63. Maar dat maakte allemaal niet uit. We hadden een gezamenlijk doel voor ogen: de helpende hand zijn voor de mensen die ons nodig hadden. Het was echt een bijzondere tijd, maar het was ook zwaar. Ik zag heel zieke mensen naar adem snakken en ik kon niks doen. Er waren tropenartsen bij die deze ziekte ook niet kenden en niet wisten hoe ze ermee om moesten gaan. Constant waren we met z’n allen aan het zoeken. Dat maakte het soms wel zwaar: we stonden met de handen in het haar en met de rug tegen de muur. Soms kon je er simpelweg alleen maar zijn.

Wel vind ik: werk is werk. Natuurlijk was ik begaan met de mensen die het moeilijk hadden, maar ik heb er geen nacht wakker van gelegen. Je kunt verschil maken door er op een moeilijk moment voor iemand te zijn. Als ik dat mee naar huis neem, maak ik het mijn probleem. Daar wordt die persoon niet beter van. Ik let erop dat ik zowel lichamelijk als geestelijk goed voor mezelf zorg, waardoor ik de volgende dag weer fit op mijn werk kan zijn en iets kan betekenen. Die knop kan ik dus goed omzetten. Dat was vroeger anders. Toen ging het zorgen soms ten koste van mezelf. Dat is iets wat ik de loop van de jaren wel heb geleerd.”

Lees ook:
Verpleegkundige Sharon kreeg de extreemste vorm van corona: ‘Mijn leven ligt stil’

Bijzonder

“Na zes weken werd de cohort-afdeling opgeheven. De maximale capaciteit van veertig mensen hebben we gelukkig nooit gehaald, het hoogste aantal patiënten tegelijk was vijftien. Na die weken pakte ik de draai weer op bij mijn ‘echte’ baan. Toen kwam ik weer thuis achter de computer te zitten, dat vond ik wel lastig. Als mijn huidige werk het weer toelaat, zou ik zeker nog eens op een cohort-afdeling willen werken. Ik heb me opnieuw opgegeven bij Extra handen in de zorg – al is het maar voor een dag in het weekend. Als er echt weer een afdeling komt, sta ik vooraan in de rij.

Het was echt een bijzondere tijd met een bijzonder team. We zien elkaar nu nog regelmatig en hebben ook een groepsapp waarin we onze verhalen delen. Na afloop heb ik een barbecue georganiseerd om het met z’n allen af te sluiten. We hebben een heerlijke en bijzondere avond gehad: de verhalen die we elkaar vertelden, het vertrouwen dat er was, het warme gevoel en de verbinding. Ik had het echt voor geen goud willen missen.”

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je dan gratis in voor onze nieuwsbrief.

Beeld: GettyImages