Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Persoonlijke verhalen > Door een hersenvliesontsteking is Sandra 22 jaar van haar leven kwijt: ‘Ik weet niks meer van vroeger’

Door een hersenvliesontsteking is Sandra 22 jaar van haar leven kwijt: ‘Ik weet niks meer van vroeger’

Door een hersenvliesontsteking is Sandra 22 jaar van haar leven kwijt: ‘Ik weet niks meer van vroeger’

Door een hersenvliesontsteking is Sandra (31) de eerste 22 jaar van haar leven kwijt. Haar karakter, hobby’s, vrienden, huizen waar ze ooit woonde: het is allemaal uit haar geheugen verdwenen.

“Het was alsof ik droomde, zoals ik daar lag en ergens heel in de verte mijn ouders hoorde praten. Ze hadden het over mij, zoveel begreep ik wel. Maar wat ze precies zeiden… Mijn toestand was stabiel? Maar ik reageerde nog niet? Kon ik ze maar even zeggen dat ik in orde was.  ‘Alles is oké!’ wilde ik gillen, maar dat ging niet. Toen nog niet. Eigenlijk wist ik ook niet wat er mis was met me. Al voelde ik wel dat het niet helemaal klopte, zoals ik een dag later vanuit een soort halfslaap de wereld in keek. Ik herkende mijn ouders wel, maar ik wist totaal niet waar ik was of wat er was gebeurd. Blijkbaar lag ik in het ziekenhuis en was ik herstellende van hersenvliesontsteking. Nekkramp, zoals het meestal wordt genoemd. Dat ik me helemaal niets meer zou herinneren van de jaren daarvoor, dat ik hooguit de mensen zou herkennen die me dierbaar waren, dat realiseerde ik me op dat moment nog helemaal niet.

Studententijd

Ik was tweeëntwintig, studeerde radio-diagnostiek, woonde in een studentenhuis in Amsterdam. Al een week lang had ik last van zware hoofdpijn. Vast een lastig griepje, dacht ik, en ik ging de pijn te lijf met wat aspirines, vitaminepillen en kamillethee. Die ‘oppeppers’ waren een heel gezonde variatie op mijn dagelijkse dieet van potjes babyvoeding en een zak chips. Ik zorgde heel slecht voor mezelf; ik kookte bijna nooit. Daardoor was mijn weerstand zo achteruitgegaan, dat ik erg vatbaar was geworden voor lastige kwaaltjes, maar ook voor ernstige ziektes.
Midden in de nacht werd ik wakker met een immense hoofdpijn en hoge koorts die maar niet wilde zakken. Ik hallucineerde en zag zo’n heel enge gangster, met een spits gezicht en hoge hoed, en honderden ratten die mijn bed bestormden. Het was zo eng dat ik midden in de nacht mijn vader heb gebeld en hem heb gevraagd om me te komen halen. Ik ben naar de trap gekropen, waar een huisgenootje me heeft gevonden, ijlend van de koorts. Dat is alles wat ik nog weet van voor mijn coma. Of eigenlijk van mijn slaaptoestand die voorafgaat aan een echt diepe coma. Wat er daarna gebeurde, heb ik voornamelijk van mijn moeder gehoord. Ze belden de huisarts, en kort daarop werd ik door de ambulance met spoed naar het ziekenhuis gereden. Mijn moeder zat naast me en samen zaten we wat schaapachtig te grinniken. Wat overdreven, een beetje gênant zelfs, vonden we het, dat alleen voor een griepje een complete ziekenboeg moest worden gemobiliseerd. Op dat moment was ik even heel helder, volgens mijn moeder. Maar na de onderzoeken in het ziekenhuis ging het snel bergafwaarts, totdat ik in die slaaptoestand terechtkwam.”

Lees ook
Frederique raakte op haar 19e zwanger en belandde met haar baby in de gevangenis

Zelfs geen flarden

“Doodmoe voelde ik me toen ik mijn ogen opendeed, en verward. De stemmen van mijn ouders, die ik op de achtergrond al had gehoord, waren vertrouwd geweest. Maar verder voelde ik me unheimisch: ik wist niks, herinnerde me niks, herkende niks. Al snel werd duidelijk dat ik aan een vorm van geheugenverlies leed. Niemand, inclusief de artsen, wist of dat geheugenverlies permanent zou zijn. Dat is nog steeds niet zeker.Het is ongelooflijk naar als je ontdekt dat je je niets herinnert over jezelf, je karakter, je hobby’s, je verleden. Ik wist niet wie ik was en waar ik thuishoorde. Maar het was te veel om daar op dat moment energie in te steken: ik moest aansterken, beter worden. Die hersenvliesontsteking had
me enorm verzwakt. Een halfjaar lang kon ik niet veel meer dan liggen, slapen, douchen, naar de wc gaan en wat lezen.Ik was weer bij mijn ouders ingetrokken. Dat was heel fijn, want dan kon ik met mijn moeder kletsen over vroeger. Urenlang kon ik luisteren naar verhalen over mezelf. Er kwamen dan geen beelden tevoorschijn. Geen herinneringen, zelfs geen flarden. Ik kon alleen maar luisteren en vragen stellen. Maar meer kon ik ook niet opbrengen. Mijn herstel vergde te veel energie en ik had ook nog steeds vreselijke hoofdpijn.

Het is grappig om te zien hoe verschillend mensen reageren als zoiets als hersenvliesontsteking of geheugenverlies je overkomt. Sommige willen direct met je aan de slag om zo snel mogelijk tweeëntwintig vergeten jaren op te halen. Anderen deinzen terug, willen zich niet opdringen of vinden het te vreemd. Dat gedrag is wel begrijpelijk, vind ik. Het moet ook moeilijk zijn je een houding te geven tegenover iemand die jij goed kent, maar die zich jou niet meer herinnert.
Ik vond het niet kwetsend dat die mensen niet naar mij toe kwamen, het was ergens ook wel makkelijk: het gaf mij ruimte voor mezelf. Confronterend was dat de bezoekjes van vriendinnen wel steeds schaarser werden. Ook wel logisch, hoor. In het begin is iedereen geschokt en willen mensen je opvrolijken. Na zoveel maanden verandert dat. Heeft ze nou nog steeds hersenvliesontsteking, vragen ze zich dan af. Ik was ook wel voorbereid op dit soort reacties door een posttraumatisch maatschappelijk medewerkster, dus zó hard kwam het ook weer niet aan.”

Foto’s en filmpjes kijken

“Het is vreemd dat ik mijn geheugen kwijt ben, maar me bepaalde mensen wél kan herinneren. Mensen die dicht bij me stonden, neem ik aan. Anderen zeggen me helemaal niets. Die kunnen daar boos om zijn, maar dat doet me dan ook niet veel: ik ken ze simpelweg niet. Na, en ook al tijdens dat halfjaar thuis ging ik me steeds meer interesseren in mijn persoon en mijn verleden. Oneindig veel ‘geheugensessies’ heb ik met mijn ouders gehad. Foto’s kijken, filmpjes van vroeger afspelen, we zijn langs mijn oude scholen en onze vroegere huizen gereden. Dat laatste vond ik op den duur alleen niet leuk meer: er kwamen toch geen herinneringen boven. De plekken deden me niets en over de verhalen kon ik niet meepraten. Dat maakte me verdrietig en gaf me een leeg gevoel. Het is zo moeilijk om niets te herkennen, nooit ‘o ja’ te kunnen zeggen. Het ergste vind ik dat ik al mijn zintuiglijke ervaring kwijt ben. Geuren, smaken, weten hoe bepaalde stoffen voelen: het zit niet meer in mijn hoofd. Als ik daaraan denk, word ik nog best verdrietig, al ben ik nu negen jaar verder. Maar dat verdriet laat
ik niet toe. Het verandert toch niets.

Kennis

Uren hing ik rond in speelgoedwinkels om als een gek te voelen en ruiken aan barbies, poppen en spelletjes. Misschien zou het me helpen me die dingen te herinneren, anders wist ik in elk geval weer wát ze waren. Ook hebben mijn ouders en vriendinnen me allerlei verhalen verteld. Maar ik ben niet bewust op zoek gegaan naar mensen uit mijn verleden, zoals klasgenoten of leraren. Ik wil niemand tot last zijn en had genoeg aan de mensen om me heen.
Als ik mezelf moet omschrijven van voor mijn ziekte, dan omschrijf ik meteen de persoon die ik nu ben. Dat doe ik aan de hand van wat anderen me hebben verteld. En zoals ik mezelf in negen jaar tijd heb leren kennen, kan ik me erg vinden in de verhalen over mij van voor mijn tweeëntwintigste. Vrolijk, ondernemend, sportief. Dat ben ik gelukkig nog steeds. Wat
overigens een groot voordeel is, is dat kennis, aangeleerde informatie, in een ander deel van de hersenen wordt opgeslagen dan ervaring, het geheugen. Al mijn kennis heb ik dus nog. Mijn scholing en studie zijn niet voor niets geweest. Wel gek: ik weet feiten uit de geschiedenis, ik kan meepraten over aardrijkskunde, maar ik weet niet hoe ik aan die kennis kom. Ik herinner me de
lessen niet, de boeken, de leraren. Het is overigens nog steeds niet zeker of dat nog verandert. Eén dokter denkt dat mijn geheugen terug zou kunnen komen als ik een kind zou hebben en alle leeftijdsfases van dichtbij nog eens meemaak. Maar ja, ik wil geen kinderen denk ik nu, en ik word zeker geen moeder puur omdat het mij mijn geheugen zou kunnen teruggeven. Ik heb het inmiddels allemaal een plekje gegeven, dat geeft rust. Ik heb mijn leven allang weer op de rails en blijf echt niet stilstaan bij wat er is gebeurd en wat ik ben kwijtgeraakt.”

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je dan gratis in voor onze nieuwsbrief. 

Tekst: Anne Havelaar | Beeld: Getty