Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Persoonlijke verhalen > Gwen van Poorten (32): ‘Bijna wekelijks is er wel iemand die vraagt: ‘En, waar blijven de kinderen?’

Gwen van Poorten (32): ‘Bijna wekelijks is er wel iemand die vraagt: ‘En, waar blijven de kinderen?’

Gwen van Poorten (32): ‘Bijna wekelijks is er wel iemand die vraagt: ‘En, waar blijven de kinderen?’

Ze is zelf bepaald niet doorsnee en komt het liefst ook op voor de paradijsvogels en buitenbeentjes in onze maatschappij, of dat nou door middel van een tv-programma of podcast is. Presentatrice Gwen van Poorten (32): “Mensen die, tegen alles in, hun eigen pad bewandelen, daar heb ik respect voor. Dat heb ik niet altijd durven doen.”

Een van de ambities van Gwen van Poorten is om een programma als Jambers te maken. Niet uit leedvermaak, maar juist om een positief licht te schijnen op de buitenbeentjes. “Ik vind programma’s als Man bijt hond, Joris’ showroom of Jambers echt geweldig. Ze laten op een mooie, integere manier zien hoe mensen verschillende kanten kunnen hebben. Ik hou ervan dat we met zo veel verschillende mensen zijn, en dat er ruimte is voor de zogeheten paradijsvogels. Ik vind het ook belangrijk om daar iets positiefs mee te doen.

‘Ik heb in elk geval al meer rust in mijn leven, dat lijkt me belangrijk als je een kind wilt’

Zelf voel ik me op een bepaalde manier ook wel een buitenbeentje. Ik heb altijd mijn eigen pad willen volgen en niet langs de gebaande paden willen lopen. Ik denk er vaak over na. Wat trekt me nou aan in die buitenbeentjes? Ik denk toch het feit dat ze zichzelf durven zijn. Mensen die, tegen alles in, hun eigen pad bewandelen, daar heb ik respect voor. Dat is iets wat ik niet altijd heb durven doen. Ik heb veel moeten uitvogelen en uitvinden voordat ik dat wel durfde. En moeten leren dat dat het leven echt veel leuker maakt.”

Is dat ook de kracht van je podcast Met z’n allen, dat je daarin helemaal jezelf laat zien?

“Ik denk het wel. In een wereld vol filters wil ik laten zien hoe dat ongefilterde leven eruitziet. Daarin vertel ik dus ook over mijn eigen ervaringen. De podcast begon ik naar aanleiding van een Instagram-livestream die ik had gedaan. Dat was niet alleen heel leuk, ik was ook overdonderd door het aantal mensen dat meekeek en de vragen die ze stelden. Die nacht werd ik rond een uur of drie wakker met – en ik zou willen dat het een cooler verhaal was – de tune van Henny Huisman: Met z’n allen.

Toen wist ik: dat moet het worden. Wat we op social media doen is heel eenzijdig: ik heb een dikke baan, ik maak verre reizen, kijk eens wat ik allemaal heb. Waarom helpen we elkaar juist niet, in plaats van alleen maar een onrealistisch perfect plaatje voor te schotelen? Ik had geen ambitie om een podcast te maken, maar ben het gaan doen en het is zo ontzettend leuk. De kracht zit er ook in dat luisteraars vragen mogen stellen.

Even dacht ik dat de vragen die binnen zouden komen alleen maar over seks en drugs zouden gaan, want dat is toch waar veel mensen mij van kennen, maar meteen in de eerste aflevering met Geraldine (presentatrice Geraldine Kemper, red.) had ik het over mijn burn-out, de therapie die ik heb gevolgd, en hoe mediteren me helpt in een rustige zone te komen. Het werd opgepikt door mijn volgers en dat verbaasde mij dan weer. Want dit is waar ik al tien jaar mee bezig ben. Dit is waar ik me vrienden over praat, boeken die ik iedereen door hun strot duw.

Maar die persoonlijke reis kon ik in mijn hoofd niet rijmen met het imago dat ik had aan de voorkant. Maar dat is zo mooi als je jezelf blootgeeft, daar kleeft geen enkel imago aan. Mensen vonden het interessant, wilden er meer over weten. Voordat ik het wist, maakte ik een die hard podcast over persoonlijke groei. Ik ben geen goeroe, geen yogi, ik laat zien wat voor mij werkt, maar misschien wel nog meer hoe belangrijk het is om dicht bij jezelf te blijven.”

Een van de dingen die voor jou werkt, is een hond

“O ja! Ik ben gek op honden. Dit jaar vieren mijn vriend Toby en ik kerst met een nieuwe huisgenoot, Eddie. Een Engelse buldog-pup die nu nog in Engeland woont en die we voor kerst gaan ophalen.”

Was een puppy uit Nederland niet handiger geweest?

“Toby komt uit Engeland, dus we zijn daar geregeld. Hij weet dat ik een enorme hondenfreak ben en heeft me twee jaar geleden meegenomen naar Crufts, de grootste hondenshow in Engeland. Een walhalla, er lopen tienduizenden honden rond. Eddie komt van een fokker die we kennen. We hebben een tijd opgepast op Frida, de hond van een goede vriendin van mijn schoonzus, ook een buldog. Toen we hoorden dat de moeder van Frida een nestje had gekregen, gingen we overstag.

Tot die tijd was ik vooral tegen mezelf aan het zeggen dat ik te druk ben, dat het best een gedoe is. Maar ik was mezelf vooral aan het beschermen, want ik was bang om weer lief te hebben en te verliezen. Ik heb als kind namelijk een Engelse buldog gehad, een ontzettend lief beestje. Ik was zes toen ik hem kreeg en zestien toen hij doodging en was er kapot van, ontroostbaar, daarna wilde ik nooit meer een hond.”

En toch is daar nu Eddie

“Ik merkte dat als die lieve kleine Frida er was, ik heel gelukkig was. Dat ik helemaal mezelf werd en een bepaalde rust vond. Elke keer als ze weer terugging naar haar baasje, dacht ik: wanneer komt ze weer? Het risico van liefhebben is dat je hart wordt gebroken, maar een leven zonder liefhebben, is voor mij ook geen leven. Die lieve Frida heeft er echt voor gezorgd dat ik me kwetsbaar durf op te stellen. Toby en ik hebben beiden een flexibele baan, dus dat oppassen gaat wel goedkomen. Toby vindt het net zo leuk als ik.”

Lees ook:
Berget Lewis (50): ‘Ik ben altijd een gever geweest. Aan mezelf dacht ik niet’

Je bent terughoudend over je privéleven, kan ik vragen waarom jullie zo goed bij elkaar passen?

“Ja, natuurlijk. Toby en ik zijn tegenpolen. Ik ben impulsief, van de afdeling: laten we de auto pakken en ergens naartoe rijden, en antwoorden voordat ik ergens over heb nagedacht. Toby kan juist heel lang over iets nadenken. Dat is een fijne balans. We laten elkaar ook vrij. Naast ons leven samen, hebben we ieder een heel eigen leven. Voor ons is dat belangrijk. Het gaat al zeven jaar goed. Heus niet elke dag, we hebben ook ruzie. Vaak gaat dat over tijd of eerder een gebrek daaraan. We moeten ervoor waken dat we niet langs elkaar heen gaan leven. Ik was vierentwintig toen ik hem leerde kennen, heel jong nog. We zijn eigenlijk met elkaar een volwassen leven in gestapt.”

Je weet dat zodra Eddie er is, jullie de vraag zullen krijgen hoe dat met kinderen zit…

“Die vraag krijg je als vrouw van rond de dertig altijd, daar hoef je geen hond voor te hebben. Bijna wekelijks is er wel iemand die vraagt: ‘En?’ Ik heb er geen eenduidig antwoord op en volg altijd mijn gevoel. Ik wilde eerst absoluut geen hond en in een tijdbestek van drie weken veranderde ik van mening. De argumenten om het niet te doen waren er nog steeds, maar het voelde zo goed, dat ik die heb kunnen weerleggen.

Ik denk dat het ook hiermee zo gaat. Dat ik op een gegeven moment voel: nu wil ik het. Ik heb in elk geval al meer rust in mijn leven, dat lijkt me belangrijk als je een kind wilt. Vroeger had ik een bepaalde eagerness: ik wil dit bereiken, ik wil dat bereiken. Die heb ik nu niet meer. Ik ben nog steeds eager, maar dat zit nu meer in zo goed mogelijk worden in het werk dat ik nu doe.”

Lees het hele interview met Gwenn van Poorten in Flair 49-2021, deze ligt van 8 t/m 14 december in de winkels. Wil je ‘m liever laten bezorgen? Bestellen kan hier.

tekst Saskia Smith | fotografie Yara Brouwer