Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Relaties & opgebiecht > Toen Sophie 5 was, verliet haar moeder plots het gezin: ‘Na 7 nachtjes slapen kwam ze níét terug’

Toen Sophie 5 was, verliet haar moeder plots het gezin: ‘Na 7 nachtjes slapen kwam ze níét terug’

Toen Sophie 5 was, verliet haar moeder plots het gezin: ‘Na 7 nachtjes slapen kwam ze níét terug’

Vijf jaar was Sophie Zeestraten (47) toen haar moeder van de ene op de andere dag hun gezin verliet en nooit meer terugkwam. Over de impact daarvan op haar leven én over hoe ze haar moeder terugvond schreef ze een boek. “Ik kan niet terug in de tijd. Maar ik kan wel een nieuwe toekomst opbouwen. Samen met mijn moeder.”

Verlaten door moeder

“Er is een flard van een herinnering, van het moment waarop mijn vader me vertelde dat mijn moeder niet meer terugkwam. Ik weet nog dat ik in paniek was en met mijn vuistjes tegen het raam begon te bonken, maar vreemd genoeg heb ik verder weinig herinneringen aan die tijd. Niet van de periode voor mijn moeder wegging, maar ook niet van daarna. Ik heb me enigszins verdiept in hoe zoiets werkt in een brein, en daardoor leerde ik dat wanneer je heel veel stresshormoon aanmaakt in een bepaalde situatie, het gedeelte van de hersenen dat verantwoordelijk is voor het opslaan van je herinneringen minder goed functioneert. Dat mijn moeder is weggegaan is, denk ik, zo traumatisch voor me geweest, dat ik het heb verdrongen. Herinneringen van daarvoor, en een heleboel van erna, zijn daarbij in een soort slipstream meegegaan.”

‘Tot volgende week’

“Ik werd geboren in een heel normaal, traditioneel gezin met een twee jaar ouder broertje. Mijn vader werkte voor een multinational, mijn moeder was huisvrouw en volgde een studie homeopathie. Toen ik vijf jaar was besloot mijn moeder een weekje alleen weg te gaan. Ze zat niet lekker in haar vel en wilde ‘aan zichzelf werken’. Tegenwoordig vinden we zoiets heel normaal, destijds was het nogal wat. Ik weet nog wel dat we haar met het hele gezin naar het station hebben gebracht en uitgezwaaid. Denemarken, daar zou ze heen gaan, op aanraden van een studiegenoot die daar een fijne tijd had gehad. Een dikke knuffel, een ‘Tot volgende week’ en daar ging ze. Zo scheidden onze wegen. Mama liep alleen het donker in, wij gingen met zijn drieën terug naar huis. Maar na zeven nachtjes slapen kwam ze níét terug.”

‘Toen ik mijn vriend leerde kennen, was er ineens iemand in mijn leven die me alles gaf wat ik in mijn jeugd had gemist’

“Veel later ben ik erachter gekomen dat mijn moeder ons in die periode daarna geregeld kaartjes heeft gestuurd, maar dat mijn vader die heeft achtergehouden. Hij wilde ons niet overstuur maken en was bang dat we zouden vragen wanneer ze thuis zou komen. Niet oké natuurlijk, maar hij deed dat met de beste bedoelingen. Hij is destijds zelfs speciaal naar een kinderpsycholoog gegaan om advies te vragen, en die had gezegd dat het wel goed met ons zou komen, zolang er ten minste één stabiele ouder voor ons zou zijn. Het was eind jaren zeventig, destijds werd er nog heel anders tegen dit soort dingen aangekeken. Eigenlijk heel makkelijk, in de trant van: ze groeien er wel overheen. Daar wordt nu totaal anders over gedacht, maar mijn vader roeide met de riemen die hij had.”

Ontmoeting

“Na driekwart jaar zagen we mijn moeder weer. Ze was inmiddels terug in Nederland en mijn vader was ermee akkoord gegaan elkaar te treffen in Dierenpark Wassenaar. Die ontmoeting was nogal pijnlijk. Mijn moeder was blij om ons te zien, maar wij, mijn broertje en ik, leken haar niet te herkennen. We waren totaal onthecht, waarschijnlijk uit een soort zelfbescherming. Na die ontmoeting is ook de echtscheiding definitief gemaakt.”

“Het enige wat ik nog weet, is dat ik mezelf inprentte: ik heb geen moeder. Mijn vader had veel vriendinnen in die periode en mijn broertje was altijd weg met zijn vrienden. Op een gegeven moment had mijn vader een vaste vriendin en dat was fijn, maar zij woonde niet bij ons. Ze was in die zin ook niet echt een moederfiguur, maar hielp me soms wel met school en ruimde heel af en toe spontaan mijn kamer op. Ik weet nog dat ik dan heel blij was. ’t Was het dichtst bij een ‘moederlijke’ ervaring dat ik kon komen…”

Zelf moeder geworden

“Toen ik op mijn 24ste mijn vriend leerde kennen, was er ineens iemand in mijn leven die me alles gaf wat ik in mijn jeugd had gemist: hij zorgde voor me, kookte voor me, was stabiel. Hij was echt mijn veilige haven. Ik was inmiddels al zo gewend aan het feit dat ik geen moeder had dat ik er niet eens meer echt bij stilstond. Tot ik zelf zwanger werd.”

“Eindelijk een eigen gezin. Nu zou alles anders worden. Op 4 april 2002 werd Anna geboren. Met een spoedkeizersnede, maar toen ze er eenmaal was, werd ik door geluk overspoeld. Ik wilde alles, maar dan ook echt alles doen om haar een goed en gelukkig leven te geven. Twee jaar later, op 23 april 2004, werd Julia geboren. De gynaecoloog die haar ter wereld bracht, was ontzettend lief en begripvol tijdens de bevalling. Zacht zei ze geruststellende woorden, dat voelde zó warm, zo moederlijk. Nu, al die jaren later, besef ik pas hoe ik mijn moeder heb gemist, tijdens mijn zwangerschappen, bij de geboorte en ook daarna. En hoe groot dat gemis eigenlijk was.”

‘Daar stond ik te wachten, op hetzelfde station als waar ik haar als vijfjarig kind had uitgezwaaid’

“Nadat mijn dochter was geboren, en ook toen de tweede er was, heb ik vast weleens gedacht: hoe heeft mijn moeder ons kunnen achterlaten? Juist omdat ik uit eigen ervaring wist hoeveel je van je kinderen houdt en hoezeer ze je nodig hebben als ze nog zo klein zijn. Maar zelfs dat heb ik meteen weggedrukt. Pas toen onze jongste dochter één was en mijn broer vertelde dat hij contact met mijn moeder had opgenomen en hij het gesprek met haar heel fijn had gevonden, begon ik de gedachte aan haar voorzichtig toe te laten. Ook omdat ik het fijn zou vinden als mijn dochters mijn moeder zouden kennen, en vice versa. Ik heb toen aan mijn broer gevraagd of ik, als ze bij hem op bezoek zou komen, haar van het station mocht halen.”

Vreemde

“Dat was een raar moment. Daar stond ik te wachten, op hetzelfde station als waar ik haar als vijfjarig kind had uitgezwaaid. Mijn moeder wist dat ik haar zou komen ophalen. Zij kwam naar me toe, maar ik herkende haar in eerste instantie niet. Ineens stond ze voor me. ‘Hé hallo,’ zei ze. We waren allebei heel gespannen, maar ik merkte wel aan hoe voorzichtig ze met me omging dat ze heel blij was. We zijn in de auto gestapt en naar het Sorghvlietbos gereden, een plek waar we vroeger vaak met het hele gezin hadden gewandeld. Het was een beetje ongemakkelijk, tijdens de rit spraken we over koetjes en kalfjes en daarna zijn we er op een bankje gaan zitten. We waren vreemden voor elkaar. Na een tijdje zijn we opgestaan en heb ik haar naar mijn broer gebracht.”

Lees ook
Anke was bij het koninginnedagdrama in Apeldoorn: ‘In volle vaart kwam de auto op ons af’

Op het oog een gewoon gezin

“Ik denk dat we de ontmoeting beiden even moesten laten ‘landen’, maar niet veel later hebben we nog eens afgesproken. We zijn toen naar de Apenheul gegaan met mijn dochters. Zij waren nog zo klein dat ze niet echt een idee hadden van wat er zich afspeelde, maar mijn moeder was ontzettend lief met ze, betrokken, maar ook afwachtend: ze wilde niets forceren. Bij de ingang van het park wilde ik graag een foto laten maken als gezin. Als ik die foto nu terugzie, word ik nog emotioneel. We lijken daarop een gewoon gezin, maar er gaat zo veel achter die foto schuil… De dag zelf was heel gezellig, het scheelde dat we genoeg afleiding hadden van mijn dochters van destijds drie en één, en door alles wat er te zien was. Daardoor voelde het minder ongemakkelijk.”

Lees het hele verhaal van Sophie in Flair 18-2021. Wil je deze editie (na)bestellen? Dat kan kan hier

Tekst: Vivienne Groenewoud | Fotografie: Marloes Bosch