Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Relaties & opgebiecht > Patty woont in een gemeenschap: ‘Je voedt je kind hier niet alleen op, er staat een heel dorp omheen’

Patty woont in een gemeenschap: ‘Je voedt je kind hier niet alleen op, er staat een heel dorp omheen’

Relaties & opgebiecht
Patty woont in een gemeenschap: ‘Je voedt je kind hier niet alleen op, er staat een heel dorp omheen’

Samen in alle vroegte koffiedrinken bij de vuurplaats, een spontane borrel in de gemeenschappelijke tuin of een buurvrouw die opmerkt dat je niet lekker in je vel zit – Patty (31) woont in een gemeenschap en wil niet meer anders. Ze  werkt als administratief medewerkster en woont samen met haar man Roy en zoon Indy (1) in het ecologische minidorp Bolderburen in de Flevopolder. Ze is in verwachting van een tweeling.

Intens gelukkig

“Als ik ’s ochtends naar buiten kijk, voel ik me intens gelukkig. De ruimte, de uitgestrekte horizon, het dorp dat langzaam ontwaakt, de eerste kinderen die op het veld spelen. Laatst zat ik na een zware nacht met een kop koffie rustig wakker te worden bij de vuurplaats, samen met een paar buren. De buurman nam Indy even over en bij hem op schoot viel hij heerlijk in slaap. Die momenten zijn goud waard. Ik ben opgegroeid in een hofje, waar alle buren begaan waren met elkaar en we altijd buiten speelden.”

Saamhorigheid

“Dat gevoel van saamhorigheid miste ik in de stad. Toen ik op het Bolderburenproject stuitte, was ik dan ook meteen enthousiast. Ik was niet de enige: de belangstelling was zo groot, dat er moest worden geloot. Toen we een e-mail kregen waarin stond dat we een van de drie eengezinswoningen mochten kopen, was ik in tranen. In Bolderburen voel ik weer die saamhorigheid die ik ook voelde toen ik opgroeide. Alsof ik samenwoon met een groep nieuwe vrienden.”

‘Ik kan me geen betere plek wensen voor mijn kinderen om op te groeien’

“Als ik in de app vraag of iemand nog een ei overheeft, staat er in een mum van tijd iemand bij me op de stoep. We verbouwen met elkaar ons eten in moestuinen en in de kas – bietjes, venkel, van alles. Ik ben dol op bakken en vaak zijn de buurtkinderen er als de kippen bij om te komen proeven. De ouders schuiven dan ook meteen aan voor een kop koffie en een stukje taart. Ik had verwacht dat het af en toe best gedoe zou zijn om met elkaar een minidorp te onderhouden, maar niets is minder waar. De ene week pakt de ene buurman de grasmaaier, de volgende week is iemand anders het gras aan het maaien. Nooit zie ik iemand mokken. Als dorp moeten we veel zelf regelen, zo moeten we zelf een toegangsweg voor de auto’s laten aanleggen. We zijn met alle bewoners bezig om het geld bij elkaar te sparen, maar dat duurt best lang. Dat betekent dat in de herfst en winter alles onder de blubber zit en in de zomer het terrein nogal stoffig is.”

Lees ook
Feest voor het roze huwelijk: ‘Onze trouwambtenaar had nog nooit twee mannen getrouwd’

It takes a village to raise a child

“Maar ondanks deze opstartstrubbelingen zie ik mezelf hier nooit meer weggaan. Hier wil ik oud worden. Ik kan me geen betere plek wensen voor mijn kinderen om op te groeien. Als we de deur opendoen, kunnen ze gaan en staan waar ze willen. Kinderen lopen bij elkaar naar binnen en alle buren houden een oogje in het zeil. Laatst had ik vijf kinderen in huis; ik ben maar een stapel pannenkoeken gaan bakken terwijl ze aan het spelen waren. Het gezegde It takes a village to raise a child is ook écht hoe het hier gaat. Je voedt je kind niet alleen op, er staat een heel dorp omheen.”

Dit artikel komt uit Flair 15-2021, de editie die t/m 20 april in de schappen ligt. Wil je ‘m liever laten bezorgen? Bestellen (of nabestellen) kan hier.

Tekst: Marlies Willemze | Fotografie: Ester Gebuis

Shoppen is altijd een goed idee