Je bent hier: Home > Relaties & opgebiecht > Opgebiecht: ‘Mijn broer en ik willen als stel verder’

Opgebiecht: ‘Mijn broer en ik willen als stel verder’

Relaties & opgebiecht
Opgebiecht: ‘Mijn broer en ik willen als stel verder’

Cato (30): “Niemand weet het nog, hoewel er mensen zijn die wat vermoeden. Ik heb een relatie met mijn broer, Robert. Hij is 3 jaar ouder dan ik. Natuurlijk is dit geen makkelijke situatie en we hebben ons allebei echt wel verzet tegen onze gevoelens. Ontkennen heeft geen zin meer: liefde kun je niet tegenhouden. Geloof me, we hebben het keihard geprobeerd.

De band tussen ons is altijd goed geweest, maar gewoon als broer en zus. Ruzie hadden we nooit, ook niet toen we klein waren. Ik kan me herinneren van vriendinnetjes op de lagere school dat ze vaak aan het ruziën waren met hun broers of zussen. Wij niet. Hij nam het toen al voor me op en is altijd een trotse broer geweest. Als je een vinger naar me uitstak, dan had je al een klap te pakken. Heel beschermend en dat is zo gebleven. Eerst op school, later toen we uitgingen. Hij hield me in de gaten op een prettige manier, niet betuttelend, niet te veel bemoeienissen, gewoon lief.

‘Mijn vriend was na een paar maanden klaar met de situatie’

Je groeit samen op en ook toen hij uit huis ging, bleef onze band sterk. Er was wekelijks contact. Mijn broer ging trouwen en dat is na een paar jaar op een vervelende manier misgelopen. Toen de bom in dat huwelijk barstte, stond hij bij mij en mijn vriend op de stoep. Ik woonde destijds samen, in míjn huis. Los van wat mijn vriend vond, heb ik mijn broer gezegd dat hij kon blijven zolang hij wilde. Tuurlijk, dat doe je voor elkaar. Mijn broer was kapot in die tijd, een gebroken man. Mijn vriend was na een paar maanden wel klaar met de situatie. Nou was Robert ook niet in goede doen, hij lag echt in puin. Moet je je voorstellen dat je erachter komt dat je vrouw al jaren rommelt met een ander. Dan mag je best even van slag zijn, vind ik.

Lees ook
Opgebiecht: ‘Ik ben na een ruzie weg bij mijn gezin en mis zelfs de kinderen niet’

Door de situatie liep de spanning thuis op. Mijn vriend en ik kregen vaker ruzie. Dat neem ik hem niet kwalijk, we waren ineens met z’n drieën. Toen mijn vriend zei dat het genoeg geweest was en dat Robert wel erg weinig ondernam om een eigen plek te zoeken, raakte ik geïrriteerd. Uiteindelijk kwam zijn vraag: hij eruit of ik eruit. Dat was heel makkelijk te beantwoorden: diezelfde dag kon hij op zoek naar een andere ruimte. ‘Jullie lijken verdomme wel een stel!’ beet hij me toe. Daar had hij gelijk in. Daar zijn we kort daarna zelf ook achter gekomen. Het ging prima samen in huis. Robert werd met de dag vrolijker en ik ook. Ik voelde dat ik verliefd werd. Maar je wordt niet verliefd op je broer, dus ik gaf er niet aan toe en bleef het ontkennen. Alles liep zo lekker thuis, we hadden het super.

‘Iedereen denkt dat Robert weer weggaat en dat hij uit pure nood bij mij woont’

Er waren momenten dat we elkaar te lang aankeken en toch weer wegkeken, want hállo: broer en zus! Je weet: dit kán niet, niet doen! Op een avond met veel drank hebben we voor het eerst gezoend. Die drank was nodig, anders waren we om elkaar heen blijven draaien. De volgende dag hebben we erover gepraat en waren we het erover eens dat het niet kon. En het gebeurde nog eens, en nog eens, en uiteindelijk hebben we ook seks gehad. Inmiddels al veel vaker. We verzetten ons er niet meer tegen. Alles voelt zo vertrouwd en goed tussen ons. We willen echt samen verder. Het grappige is dat we dus samenwonen. Iedereen denkt dat Robert weer weggaat en dat het uit pure nood is, maar hij woont hier inmiddels al langer dan een jaar. Niemand weet hoe blij we met elkaar zijn en hoeveel lol we hebben. Vervelend is dat we het niet geheim kunnen blijven houden. Dit gaat uitkomen. En dan? Hoe vertellen we dit aan onze ouders? Wij komen er niet uit, hebben allebei geen idee.

‘Een vriendin vroeg of ik verliefd was op m’n broer. ‘Stel je voor!’ riep ik uit’

Vriendinnen van mij hebben al eens gevraagd wat er aan de hand was. Niemand zal dit begrijpen. Mijn ex zat dus wel goed en mijn beste vriendin heeft ook al gevraagd of ik niet verliefd ben op Robert. ‘Stel je voor!’ riep ik uit. Het is dus wel zo. Ik weet niet welke kant dit opgaat, misschien verliezen we iedereen in onze omgeving wel en vindt iedereen het absurd. Dat is het ook, maar een ding is zeker: ik heb me nog nooit zo goed gevoeld als bij de liefde van mijn broer. Tegelijkertijd is het vreselijk dat hij mijn broer is.”

Dit artikel komt uit Flair 18. Deze editie ligt nu in de winkels. Wil je ‘m liever laten bezorgen? Bestellen kan hier

Beeld: iStock

Shoppen is altijd een goed idee