Je bent hier: Home > Relaties & opgebiecht > Opgebiecht: ‘Soms ben ik bijna bang voor mijn eigen kind’

Opgebiecht: ‘Soms ben ik bijna bang voor mijn eigen kind’

Relaties & opgebiecht
Opgebiecht: ‘Soms ben ik bijna bang voor mijn eigen kind’

Wendy (35): “Een verklaring heb ik er niet voor, maar mijn zoon van acht is altijd betrokken bij kattenkwaad. Gebeurt er iets op school of in de straat, dan weet ik zeker dat Sven vooraan staat. Gevaar ziet hij niet en hij is vaak de aanstichter van de ellende. Ik vind dat ik moet ingrijpen, want ik wil niet dat het straks te laat is en hij het verkeerde pad op gaat. Maar hoe?”

Bang voor eigen kind

“Natuurlijk zoek je de reden van het gedrag van je kind als eerste bij jezelf. Ik vraag me vaak af wat ik fout doe, maar ik weet het niet. Ik ben geen thrillseeker, doe nooit iets wat niet mag en ik zou nooit iemand opzettelijk kwaad doen. Ik ben vrij degelijk, misschien zelfs wel tegen het saaie aan. Mijn man heeft geen duister verleden en zoekt het gevaar ook niet op. Gek dus, dat wij aan Sven onze handen vol hebben, terwijl hij van ons niet het slechte voorbeeld krijgt. Sven is een hartstikke leuk kind, maar ik kan hem maar beter niet uit het oog verliezen. Hij is blind voor gevaar, wild als een jonge hond en niet te temmen.”

‘Hij heeft sadistische trekjes en hij is een pestkop’

“Dat maakt hem populair bij zijn vriendjes, maar veel minder bij de ouders van die vriendjes. Er is al een moeder geweest die niet meer wil dat Sven na school met haar zoontje komt spelen. ‘Het is niet persoonlijk, maar er is altijd wel iets als hij in de buurt is,’ was haar uitleg. Meer woorden had ik niet nodig, want ik begreep wat ze bedoelde. Kapotte kleren? Check, om de haverklap. Tand door zijn lip, gevochten op het schoolplein? Check. Van een fiets gevallen, een ander van de fiets geduwd, bal door het raam… het is allemaal al eens gebeurd. En met schoolzwemmen klieren en bommetjes doen voor de kinderen die bang zijn in het water.”

Sadistische trekjes

“Hij heeft sadistische trekjes en hij is een pestkop. Dat vind ik heel erg, en ik trek het me persoonlijk aan. Als we van de meester horen hoe hij in de klas is, klinkt hij als een rotjong. Hij daagt kinderen uit, kan agressief zijn, liegt en is brutaal. Geen idee waar het vandaan komt. Met andere moeders en vriendinnen praat ik over opvoeding en ik heb het idee dat wij niks anders doen dan zij. Natuurlijk geven we hem straf als hij iets stoms heeft gedaan en leggen we aan hem uit waarom dingen niet kunnen. Soms denk ik: dit komt aan. Maar soms denk ik ook: hij snapt het niet en het gaat langs hem heen. Ik laat hem zijn verontschuldigingen aanbieden als ik weet dat hij iemand iets heeft aangedaan.”

‘Ik heb me erin verdiept, dit gedrag komt vaak voor bij kinderen die geen veilige thuishaven hebben’

“Even ‘sorry’ zeggen is dan het minste. Hij reageert meestal wel schuldbewust als hij straf krijgt, maar ik ben zo bang dat het ooit omslaat en ik een middelvinger van hem krijg. Ik wil niet dat het van kwaad tot erger gaat. Daarom neig ik ertoe hem, na school, vaker thuis te laten blijven, zodat ik hem in de gaten kan houden. Ik heb me erin verdiept, dit gedrag komt vaak voor bij kinderen die geen veilige thuishaven hebben of bij wie geweld voorkomt. Dat is bij ons niet zo, integendeel. We hebben geen schulden, zijn geen alcoholisten, mijn man heeft een goede baan en ik werk parttime in een winkel.”

Genoeg tijd

“We hebben tijd genoeg voor de kinderen en doen veel leuke dingen als gezin. Dat is ook echt gezellig: Sven is thuis een stuk liever en rustiger. Zijn zusje Evi is vier, maar nu al heel anders. Gelukkig is zij geen zorgenkind. Ik hoop dat Sven zijn grenzen aan het onderzoeken is, maar daar is hij dan wel vroeg bij. Mijn man maakt zich er minder druk om. Hij denkt dat dit wel wegtrekt, dat het inderdaad aftasten is. Maar ik zie soms een blik in de ogen van Sven waar ik bijna bang van word, een boosheid en felheid die ik niet herken.”

Lees ook 
Opgebiecht: ‘Mijn verloofde buurman zoende me vol op mijn mond. En ik deed mee’

Falen

“Ik vind dan echt dat ik in mijn opvoeding faal: waarom doet hij zo? Als het van kwaad tot erger gaat, krijgen we straks te maken met vandalisme en dan is het nog maar een klein stapje naar het criminele pad. Ik maak me nu al zorgen om de middelbare school: verkeerde vrienden, winkeldiefstal, drugs, je houdt je hart vast. Ik zou graag naar een kinderpsycholoog gaan met hem, maar daar wil mijn man nog niet aan.”

Dit artikel komt uit Flair 42-2020, de editie die t/m 20 oktober in de schappen ligt. Wil je ‘m liever laten bezorgen? Bestellen (of nabestellen) kan hier.

Tekst: Valerie van der Meer, beeld: iStock

Shoppen is altijd een goed idee