Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Health > Nicolle (37) stierf vijf dagen na haar dochtertje: ‘We zeggen weleens dat Nikki is gekomen om Nicolle te halen’

Nicolle (37) stierf vijf dagen na haar dochtertje: ‘We zeggen weleens dat Nikki is gekomen om Nicolle te halen’

Nicolle (37) stierf vijf dagen na haar dochtertje: ‘We zeggen weleens dat Nikki is gekomen om Nicolle te halen’

De zus van Chantal Efdee, Nicolle, kreeg tijdens haar zwangerschap kreeg te horen dat ze een kwaadaardige tumor in haar baarmoeder had. Nicolle stierf op haar 37ste, een paar dagen na haar dochtertje Nikki. “Nicolle lag in de kist met haar kindje in haar armen; ik vond dat zo ontroerend mooi. Het idee dat ze samen waren.”

“Nicolle wilde heel graag weer moeder worden. Ze had al een zoontje van één, maar ze had daarvoor ook een miskraam gehad, waar ze kapot van was. Het ging allemaal niet vanzelf; Nicolle en haar man zijn lang bezig geweest. Dus toen ze weer zwanger bleek, was ze zó gelukkig.

Maar ze kreeg al vrij snel last van haar rug en van bloedingen. Soms kroop ze over de vloer van de pijn. Ze was vijftien weken zwanger toen ze in het ziekenhuis zeiden: niets aan de hand. De artsen wuifden het weg. ‘Zwangerschapsklachten. Die gaan wel weer over.’ Maar ze gingen niet over. Pas toen ze weer eens schreeuwend van de pijn op de grond lag, werd ze opgenomen. Dat vond ik zo naar, dat ze niet serieus werd genomen. Mijn zusje was iemand van hup, schouders eronder. Ze runde een gezin, werkte als jurist bij een gemeente, deed er nog een studie fotografie naast… Nicolle was geen aansteller.”

Alarmbellen gingen af

“In het ziekenhuis namen ze bloed en urine af en toen gingen alle alarmbellen af. Ze werd naar een ander, gespecialiseerder ziekenhuis gebracht en daar kwam een arts naast Nicolles bed staan. Hij zei:
‘De situatie is heel ernstig.’ Hij vertelde dat mijn zusje een kwaadaardige tumor in haar baarmoeder had, naast de baby, en dat ze niet wisten hoe dit zou aflopen. Ik geloofde niet wat ik hóórde. Nicolle? Zo jong? Ziek? Zoiets moois – een kindje – en zoiets dodelijks – een tumor – zo dicht bij elkaar in datzelfde lijf?

Ze kreeg een spoedoperatie om haar nieren weer te laten functioneren, want die werden verdrukt door de tumor. Daarna kreeg ze chemokuren. Het was een nare spagaat waarin ze terechtkwam, want de chemo’s zouden de bevalling kunnen opwekken. Dat zou te vroeg zijn, veel te vroeg, maar ze wilde óók blijven leven. Wat doe je dan? Ze koos voor de lichte chemokuur in de hoop dat die zou aanslaan én haar ongeboren kindje zou sparen.

Tumor of baby

Toen ze 25 weken zwanger was en in het ziekenhuis lag, zei ze ineens tegen ons dat ze het gevoel had dat de baby eraan kwam. ‘Dat kan niet,’ zeiden de artsen. ‘Dan is het de tumor!’ had ze geroepen. ‘Maar er komt iets aan!’
Inderdaad, de baby kwam. Supersnel, Nicolle heeft het volgens mij amper beseft. En ik dacht: gebeurt dit allemaal écht? Een baby die ter wereld komt op de oncologieafdeling? Leven en dood in één kamer.

Het was een meisje. Ik stond op de gang en zag de arts voorbijrennen met een piepklein, teer, oranje, donzig baby’tje in zijn handpalm. Ze woog minder dan een pak suiker. Nicolle vertelde dat zij en haar man het kindje Nikki wilden noemen. Onze vader noemde Nicolle altijd Nikki, gebruikte een koosnaampje, en Nicolle had gezegd:  ‘Als ik het niet overleef, is er tenminste nog een Nikki in de familie.’

Lees ook
Vruchtbaarheidsbehandelingen ook heftig voor vader in spe: ‘Toen ze vroegen hoe het met míj ging, schrok ik’

Van oncologie naar neonatologie

“Het was een gekke tijd, want mijn zus was eigenlijk te zwak om moeder te zijn. Ze had alle energie nodig om voor haar leven te vechten. Vaak brachten we haar in een rolstoel van de oncologieafdeling naar neonatologie. Dan kon ze haar dochtertje buidelen, daar genoot ze van. Maar daarna kon ze alleen nog maar slapen. Ondertussen bleef ze geloven dat ze het zou halen. Ook bij mijn ouders zag ik ontkenning.
Die hielden zich vast aan de artsen en zeiden: ‘Er is altijd hoop.’ Maar ik besefte: ik ga mijn zusje en misschien ook wel mijn nichtje kwijtraken.

Nicolle maakte zich hartstikke veel zorgen. Ze dacht vaak: wat nou als ik doodga en Nikki blijft leven? Nikki zou haar hele leven lang afhankelijk zijn van zorg, 24 uur per dag, want ze zou zo’n slangetje in haar keel krijgen. Nicolle heeft het nooit naar mij uitgesproken, maar ik wist dat ze van die gedachte in paniek raakte. Hoe moest haar man dat in zijn eentje doen, met een dreumes en een zieke baby? Ik denk dat ze daarom zo vocht. Zo vasthield aan het leven.”

Verdoofd door medicijnen

“Na een halfjaar ziekenhuis kwam Nicolle thuis, ze konden daar niets meer voor haar doen. Het was fijn voor Nicolle dat ze weer thuis was, dicht bij haar zoontje en man, maar ze was broodmager en had zo veel pijn. Ik wist niet dat een mens zo veel pijn kon hebben. Ondanks de morfine, methadon, tramadol…

Ook Nikki had het zwaar. Acht maanden na haar geboorte kreeg ze een luchtweginfectie. De artsen zeiden dat ze niets meer voor haar konden doen. De grens van wat ze aankon was bereikt. Nicolle was te ziek om naar het ziekenhuis te gaan, dus haar dochtertje werd met de ambulance naar huis gebracht en in de armen van Nicolle gelegd.

Maar het naarste aan die herinnering vind ik nog dat het net was of Nicolle niet helemaal besefte dat ze haar kindje aan het verliezen was. Ze staarde door alle medicijnen wazig voor zich uit en bleef Nikki na haar overlijden wiegen. Ze was zich er niet volledig bewust van dat haar kindje was overleden. Voor haar was het misschien beter, maar dat beeld kreeg ik lang niet uit mijn hoofd.

Samen

Nikki werd thuis opgebaard in haar eigen wiegje. Nicolle sliep in de dagen na haar overlijden veel en we wisten: nu kan het snel gaan. We hebben toen de uitvaartverzorger gevraagd of we Nikki zo lang mogelijk bij ons mochten houden. Eigenlijk moet een lichaam uiterlijk op de zesde werkdag na het overlijden begraven of gecremeerd worden. En twee mensen mag je niet bij elkaar begraven of cremeren, maar wij wilden dat zó graag. Nicolle en Nikki hoorden samen te zijn.

Vijf dagen na Nikki’s overlijden overleed Nicolle. Het was op. We zeggen weleens tegen elkaar:  ‘Nikki is gekomen om Nicolle te halen.’  Het was alsof ze pas durfde los te laten toen haar dochtertje het leven had losgelaten. Onze uitvaartbegeleidster had ons verzoek om mijn zus en haar baby tegelijk te cremeren bij de officier van justitie neergelegd – dat moest officieel – en daar ben ik haar heel dankbaar voor. We kregen een akkoord. Nicolle lag in de kist met haar kindje in haar armen; ik vond dat zo ontroerend mooi. Ik troostte mezelf met het idee dat ze samen waren.”

Even op visite

Mijn ouders waren gebroken. Een kind en kleinkind verliezen is het ergste wat je kunt meemaken. Ik kon en kan hun pijn niet wegnemen. We hebben haar as uitgestrooid in de duinen op Schiermonnikoog. Dat is nu een plek waar we elk jaar komen. Dan voelt het alsof ik even bij haar op visite ben.

Met mijn zwager en zijn zoon gaat het goed. Mijn zwager heeft een nieuwe vriendin en mijn neefje, dat nu zeven is, zegt zo mooi:  ‘Ik heb twee mama’s.’  En dan loopt hij naar de woonkamer om de foto van Nicolle aan te wijzen. Dan smelt ik.

Het hele verhaal lees je in Flair 14-2020. Deze ligt t/m 7 april in de schappen. Wil je ‘m liever laten bezorgen? Bestellen (of nabestellen) kan hier.