Je bent hier: Home > Health > Denise blogt: ‘Mama, gaan we cupcakes maken?’

Denise blogt: ‘Mama, gaan we cupcakes maken?’

Health
Denise blogt: ‘Mama, gaan we cupcakes maken?’

In mijn herinnering zat ik vroeger altijd lief te spelen. Ik zei niet zo veel. Ik kwam graag buiten, maar speelde ook rustig uren achter elkaar op mijn kamer. Ik bouwde dan huizen van lego of speelde poppenschool.

Ik kan me maar weinig ruzies met mijn zusje herinneren, rende niet over de bank, klom niet overal op en maakte niet zo veel kabaal. Zo niet mijn eigen kinderen. Die zijn soms druk, heel druk, net als andere kinderen overigens. Vooral jongetjes kunnen er wat van. En daar heb ik er dus een van. Compleet met wild doen met zwaarden en zo. En zes keer per dag op zijn kop op de bank staan.

Maar ook verbaal zijn ze niet op hun mondje gevallen. Thuis althans, want dat is niet overal zo. Soms praten en vragen ze maar door. Leuk uiteraard, maar als ik dan nog wat werk moet afmaken waar zij bij zijn (ik wil het niet, maar soms moet het) of gewoon even snel een blog online wil gooien, dan zit ik weleens met mijn handen in het haar.

Zaterdag was zo’n dag. Het zijn schatten hoor, maar het ging maar door, de ene vraag na de andere. Probeer je dan maar eens te concentreren. Als ik zelf geen kinderen zou hebben, zou ik dit hoofdschuddend lezen en denken: als je zegt ‘Even wachten, mama moet echt even iets afmaken’ dat ze daar dan ook naar luisteren. Nou, dat doen dus niet alle kinderen. Als mijn kinderen honger hebben (dat is zo ongeveer altijd) interesseert het ze niks dat ik net een foto aan het bijsnijden ben of midden in een whatsappberichtje zit. Ze hebben honger!

Voor de grap heb ik zaterdag een tijdje opgeschreven wat ze zeiden. Ik kwam ongeveer op één vraag per minuut. Gelukkig was zondag relaxter, maar om je een indruk te geven, dit werd allemaal gezegd, door twee kinderen, door elkaar heen, in slechts een paar uur tijd:

‘Mama, ik wil andere sokken, dit zijn draadjessokken.’ ‘Mama, mag ik nog een boterham?’ ‘Mama, mag ik in de tuin spelen?’ ‘Mama, kun je me helpen?’ ‘Mama, mijn sokken gaan niet aan.’ ‘Mama, kan je mijn broek omvouwen?’ ‘Mama, kom je nog?’ ‘Mama, kun je mijn haar doen?’ ‘Welk elastiekje heb je erin gedaan, toch niet die zwarte hè?’

‘Mama, waarom staan mijn laarzen buiten?’ ‘Mama, deze bal stuitert voor geen meter.’ ‘Mama, kijk eens wat ik kan.’ ‘Mama, mag ik dit aanhouden?’ ‘Mama waar zijn mijn sloffen?’ ‘Mama, hoeveel januari is het?’ ‘Mama, is blank wit?’ ‘Mama, ik heb honger.’ ‘Mama, mogen we cupcakes maken?’

‘Mama, ik heb de vlag van Nederland gemaakt.’ ‘Mama, je moet mijn kikker nog maken.’ ‘Mama, kijk eens wat een lange, helemaal van lego.’ ‘Mama, ik heb plakband nodig.’ ‘Mama, ik wil nog een plakbandje.’ ‘Mama, waar is mijn cupcakeding?’ ‘Mama, kijk eens wat ik gemaakt heb!’ ‘Mama, wat doe je nou weer!’

‘Mama, mogen we cupcakes maken?’ ‘Ja, mama, zo kan ik me niet concentreren.’ ‘Mama, mag ik Cheez Dippers?’ ‘Mama, mag ik nog meer?’ ‘Mama, ik heb nog honger!’ ‘Mama, mag ik Phineas en Ferb kijken?’ ‘Mama, wanneer gaan we cupcakes maken?’ ‘Mama, zullen we Kroko Loko doen?’

‘Mama, ik heb iets heel moois gemaakt, je móet komen kijken!’ ‘Mama, mag ik alsjeblieft op je telefoon?’ ‘Mama, kun je de stopwatch op je telefoon aanzetten?’ ‘Mama, wat ben je aan het doen?’ ‘Ik wil weten wat je weggooit mama.’ ‘Nee, dat mag niet weg. Waarom doe je dat mama?’

‘Niet aan mijn vliegtuigen komen!’ ‘Mama, Bo komt aan mijn dingen.’ ‘Je hebt het kapotgemaakt! Wrrrrraaaahhhh. Ik was daarmee aan het spelen! Nee, ik was daar al mee aan het spelen. Woehhhh. Je hebt het afgepakt! Oewah! (zwaait met zwaard.) Help me mama, alsjeblieft, hou hem tegen! Help, help, help! Mama, help, Jippe pakt me. Mama, hij laat me niet los. Ik deed niks mama!’

‘Mama, ik wil mijn zwaard terug. Waar is mijn zwaard?’ ‘Mama, is de baas Jippe!’ ‘Ik wil niet mee naar zwemles. Ik ga echt niet mee naar zwemles.’ ‘Mama, waar is mijn jas?’ ‘Mama, ik heb een schaaf.’ ‘Mama, mijn tanden bibberen.’

‘Mama, kom eens, het is belangrijk.’ ‘Mama, er is iets met de iPad.’ ‘Mama, ik heb honger, hoe laat gaan we cupcakes maken?’ ‘Mama, zullen we Kroko Loko spelen?’ ‘Mama, gaan we nú cupcakes maken?’

‘Mag je al beginnen?’ ‘Waarom heeft Bo mijn bord? Dat is mijn bord!’ ‘Ik wilde geen pasta.’ ‘Mama, wat heb jij?’ ‘Ieeuwww, jouw eten ruikt vies.’ ‘Iiiieeuww, er zit iets vies in mijn mond, zo’n groen ding.’ ‘Mama, niet schrijven onder het eten.’ ‘Mama, wat heb ik nou gezegd?’ ‘Mama, mag ik nog meer sla?’ ‘Mama, ik val flauw van de dorst. Mama, ik heb zó’n dorst, ik val bijna flauw.’ ‘Mama, het is op mijn vest gekomen. Mama, wil je een doekje pakken?’ ‘Ga weg, fruitbeest!’ ‘Mama, mag ik van tafel?’

‘Mama, je bent lief.’ ‘Mama, we gaan toch zo cupcakes bakken?’ ‘Mama, wil je alsjeblieft nog één keer afvegen?’ ‘Het is niet eerlijk, jij bent lekker groot, jij bent lekker de baas.’ ‘Mama, wat schrijf je allemaal op?’

Ineens moet ik denken aan de Sunweb-reclame. Die over die gymtas en al die dagelijkse beslommeringen en zo. Ik krijg zin om weg te gaan, lekker vakante met ze te vieren. Follow the sun… hoor ik in gedachte. Ik denk terug aan de leuke paar dagen in Turkije afgelopen zomer. Lekker weg. En met zijn drietjes op die piratenboot.

Jeetje, 5 maanden geleden alweer. Ik ben alweer hard aan vakantie toe. Jij ook? De vakantiebeurs komt eraan. En nog meer leuke beurzen trouwens, in verschillende plaatsen in Nederland en België. Ga jij?

Oh ja, en mocht je het je afvragen… Uiteraard maakten we uiteindelijk nog cupcakes. En speelde ik een potje Kroko Loko met ze. Ook al was inmiddels niet alleen die kroko loko, maar ik ook.

Meer lezen:
– Denise blogt: Back to normal
– Denise blogt: Hoogtepunten en dieptepunten
– Denise blogt: Kerst vieren

Shoppen is altijd een goed idee