Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Health > Melanie (38) werkt door corona dag en nacht in de kinderopvang: ‘We moeten er samen wat van maken’

Melanie (38) werkt door corona dag en nacht in de kinderopvang: ‘We moeten er samen wat van maken’

Melanie (38) werkt door corona dag en nacht in de kinderopvang: ‘We moeten er samen wat van maken’

Melanie Scheuller (38) werkt nu niet alleen overdag op de kinderopvang van Humankind in Heerlen, maar ook ’s avonds en ’s nachts. Voor kinderen van ouders met vitale beroepen biedt ze 24/7 noodopvang aan.

“Eigenlijk hadden mijn collega’s en ik het al vrij snel in de smiezen: we moeten iets doen. Toen het kabinet de eerste maatregelen tegen de verspreiding van het coronavirus aankondigde, hadden we al een plan om de deuren van onze locatie non-stop open te houden voor de gezinnen die ons nodig hebben. Voor de ouders die in de zorg werken, in het onderwijs, of andere vitale beroepen hebben. Onze opvang zit dicht bij het ziekenhuis en dicht bij de snelweg. Een ideale plek, dus.”

Hulp van alle kanten

“In no time hadden we de boel geregeld. Er kwam een continurooster, een check van de inspectie of ons pand aan alle eisen voldeed en we kregen versterking van andere kinderopvangcenta in de regio. En van alle kanten kwam hulp. We maakten één ruimte vrij voor het slaaplokaal. IKEA sponsorde de bedden, we kregen knuffels opgestuurd, wasnetten om het beddengoed makkelijk te verschonen – zo kunnen we de setjes bij elkaar houden. Iemand bood een extra Senseo-apparaat aan, weer iemand anders wilde helpen schoonmaken en restaurants uit de buurt komen ons avondeten brengen. Het is hartverwarmend.”

‘De tranen schoten haar in de ogen. Bij ons trouwens ook’

Lastminute opvang

“Ouders reageren dankbaar. En opgelucht. We vangen kinderen tussen de babyleeftijd en dertien jaar op. Een alleenstaande moeder die in de zorg werkt, kwam haar dochtertje brengen voor haar avonddienst. En ze zou het kind na die dienst weer ophalen, thuis in bed leggen, en de volgende ochtend zou ze haar weer brengen voor haar dagdienst. ‘Dat is geen doen,’ zeiden wij tegen haar. ‘Laat haar lekker hier slapen, vertrouw op ons, en zorg dat je zélf goed rust krijgt.’ De tranen schoten haar in de ogen. Bij ons trouwens ook.”

“Ook lastminute komen ouders nog hun kinderen brengen. Dat kan allemaal – wij zorgen wel dat we genoeg plek en mensen hebben. Want die ouders die Nederland draaiende houden, daar doen we het voor. En hun kinderen natuurlijk. Die vinden het fantastisch.”

Blijven slapen

“Het is een heel andere wereld waarin we nu leven: ouders mogen niet meer in het verblijf komen, we wassen vaker onze handen, kinderen met koorts worden opgehaald. Maar wij maken er een feestje van. We doen spelletjes, eten gezellig samen, vertellen verhaaltjes voor het slapengaan. In het slaapverblijf hebben we slingers opgehangen. Het moet vooral leuk zijn.”

‘Ik weet niet hoelang deze crisis nog duurt, maar ik houd dit met gemak nog een tijd vol’

“Ik grapte net tegen een collega: ‘Het lijkt wel dat programma van Chantal Janzen, Chantal blijft slapen.’ Natuurlijk is het pittig. Voor de ouders – die werken vooral, zien hun kinderen minder – en voor de kinderen is het ook wennen. En door deze nachtdiensten is het voor ons ook anders dan anders. Als er iets aan de hand is met een kind, nachtmerries, heimwee, wat dan ook, slapen wij slecht. Maar over het algemeen slapen ze eigenlijk vrij goed, en wij voelen ons hier heel sterk: we moeten d’r met z’n allen wat van maken.”

Lees ook
Annegreet (30) woont in Noord-Italië: ‘Corona is een onzichtbare vijand geworden die niemand overslaat’

Eigen gezin

“Dat voel ik ook bij mij thuis. Ik heb een samengesteld gezin: ik heb twee kinderen van negen en twaalf en mijn vriend twee kinderen van acht en elf. De co-ouders zijn heel makkelijk en vangen de zorg op als er gaten vallen. En als ik thuis ben, zeg ik tegen de kinderen dat ik ineens soms ’s nachts weg ben. Dat ik dan bij andere kindjes slaap, van wie de vaders en moeders héél hard moeten werken. Dan zie je ze wel even kijken, zo van: hmmm. Daarna is het oké. Ze gaan er vrij makkelijk mee om. En ik zie ze overdag natuurlijk meer: mijn vriend en ik geven zo veel mogelijk thuisonderwijs. Dus ik hoef ze niet te missen – en zij mij niet. Al moet ik wel zeggen dat mama er niet altijd helemaal bij is met haar hoofd. Als ik met de coördinatie van de 24/7 opvang bezig ben – want dat gaat continu door – en ik moet tegelijkertijd wiskunde uitleggen, tja… Niet ideaal. Maar ik ben niet moe, ik zit vol energie. Ik weet niet hoelang deze crisis nog duurt, maar ik houd dit met gemak nog een tijd vol.”

De andere verhalen lees je in Flair 16-2020. Deze ligt t/m 21 april in de schappen. Wil je ‘m liever laten bezorgen? Bestellen (of nabestellen) kan hier.

Tekst: Lisanne van Sadelhoff