Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Health > Emma: ‘Ik ben pas 28 jaar en had weinig klachten. Toch kan ik door corona nog amper de trap op’

Emma: ‘Ik ben pas 28 jaar en had weinig klachten. Toch kan ik door corona nog amper de trap op’

Emma: ‘Ik ben pas 28 jaar en had weinig klachten. Toch kan ik door corona nog amper de trap op’

Emma was besmet met corona en vertelt hoe het herstel lang(er) kan duren, óók als je jong en gezond bent. ‘Een fikse verkoudheid en soms hoofdpijn, zieker ben ik niet geworden. Pas toen ik weer voor het eerst buiten kwam merkte ik dat er roofbouw op mijn lichaam is gepleegd: mijn conditie is volledig weg. Van traplopen raak ik buiten adem, van een kwartiertje lopen moet ik de hele dag bijkomen.’ 

‘Nog een paar dagen en dan ben ik er vanaf,’ dacht ik in quarantainetijd. Noem het naïef, maar ik had het optimisme nodig om me er doorheen te slaan. Natuurlijk verwachtte ik niet meteen weer een lesje spinning te kunnen doen – ik heb tenslotte anderhalve week binnen gezeten en ben niet verder dan het toilet gelopen. Maar dat ik van een fitte 28-jarige ben veranderd in een oud dametje, had ik niet zien aankomen.

Gesloopt van een kwartiertje lopen

Toen de klachten weg waren dacht ik wel weer ‘gewoon’ een blokje om te kunnen. Dat viel vies tegen. Zodra ik in de buitenlucht kwam voelde ik me al wankel, dat weet ik eerst nog aan de overweldigende stadsdrukte en het felle daglicht. Bij elke stap werd ik kortademiger. Ik voelde me steeds lichter in mijn hoofd worden, tot een punt dat ik moest gaan zitten omdat ik anders flauw zou vallen. Uiteindelijk ben ik thuis gekomen, na de trap zowat op gekropen te zijn. De rest van de dag was ik gesloopt. Fysiek, maar ook mentaal. Het is beangstigend dat je lichamelijk ineens niets meer waard bent.

Alles op bejaardentempo

Voordat ik besmet raakte, had ik een actief leven. Ik sportte drie keer in de week en maakte lange wandelingen door de stad of in de natuur. Het contrast met nu is groot. Een kwartier lopen in bejaardentempo is te veel. Kerstavond vier ik met een vriendin. Dat moet bij mij, want een fietstochtje durf ik niet aan. Als de bel gaat, raak ik in paniek. Twee trappen af en twee trappen op om een pakketje aan te nemen is voor mij een hele opgave.

Word ik wel weer de oude?

Het enge is ook de onzekerheid, ik heb geen idee welke kant het op gaat. Gelukkig is de kans het grootst dat ik binnen een maand weer helemaal de oude ben. Daar ga ik vanuit. Maar er zijn ook horrorverhalen van jonge mensen die maanden later nog elke dag een middagdutje moeten doen wegens vermoeidheid en van wie de conditie en spierkracht nog steeds niet hersteld is.

Diep respect voor het lichaam

Het mooie is wel het diepe respect dat ik voel voor mijn lichaam. Het vecht tegen een virus, logisch dat het tijd nodig heeft om te herstellen. Rust nemen luidt het advies, vooral niet je eigen grenzen over gaan. Een goede leerschool voor mij, want dat zijn precies mijn valkuilen. Ondertussen vier ik elke mijlpaal. Ik ben niet meer verkouden, mijn reuk en smaak zijn weer zo goed als terug. En als ik die trap weer soepeltjes op kan, juich ik het hardst van iedereen.’

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je in voor de VIVA-nieuwsbrief