Je bent hier: Home > Health > Denise blogt: In de nachttrein van Utrecht naar Den Haag

Denise blogt: In de nachttrein van Utrecht naar Den Haag

Health
Denise blogt: In de nachttrein van Utrecht naar Den Haag

In een kapotte panty plofte ze in de stoelen naast ons. We zaten in de nachttrein van Utrecht naar Den Haag. Ik was voor de derde keer in één week naar de Vakantiebeurs geweest. Niet voor de vakdag of bloggersdag nu, maar gewoon voor mezelf. Heerlijk!

Maar ook al had ik nog uren kunnen ronddwalen langs exotische bestemmingen en de mooiste mediterrane regio’s, het was om 6 uur afgelopen.

Zes uur zei je? Vanwaar die nachttrein dan?

Ik had nog met een vriend afgesproken in de stad. Ach ja, waarom ook niet, het kon nu, dus gezellig. In Utrecht. En ja, het was ook gezellig. En grappig ook, vooral als je aan alles merkt dat het stelletje naast ons overduidelijk hun eerste date samen hadden.

We dronken iets op drie verschillende plekken. Ik hou van Den Haag,  maar Utrecht is ook leuk! Het was niet eens meer in me opgekomen dat ik nog terug moest met de trein. Of dat ik maar eens moest checken hoe laat de laatste trein eigenlijk ging.

Pas toen we terugliepen keken we op onze mobieltjes.

Verrek, was het al zo laat?

‘Hoe laat ging de laatste trein zei je?’

‘Eh… één minuut geleden. Eén voor half 1.’

‘Niet!’

‘Wel.’

‘Echt?’

‘Kijk maar.’

‘Kut.’ (Pardon.)

‘…’

‘En nu?’

Ging er écht geen trein meer? Nee.

‘De eerste naar Den Haag Centraal pas weer om 5 uur.’

‘5 uur?!’

Waarom had ik niet even wat beter nagedacht? Ik ben altijd van het checken.

Een nachttrein dan. Die gaan heus wel. Naar Hollands Spoor inderdaad, via Amsterdam. Om 1 uur. Aankomsttijd 2:37u. Wat? Dat is dik anderhalf uur!

We schikten ons in ons lot, haalden na alle wijntjes en speciale biertjes een muntthee met de goorste oudbakken zoetigheden erbij de ik ooit geproefd heb (hoe kúnnen ze het verkopen!) en stapten even later de trein in.

Het meisje in de kapotte panty dat met haar vriendinnen vlakbij ons was komen zitten, deed haar jas uit. Ze zat in een jurkje met spaghettibandjes. En was best wel toeter. Ze keek naar de jongens achter ons.

‘Maar waarom ga je niet mee dan?’ vroeg de ene jongen.

‘Ja, blijf bij ons slapen. Wat let je?’

Ze antwoordde niet. Met haar tipsy ietwat roodaangelopen hoofd keek ze alsof ze nadacht maar alsof dat niet helemaal lukte.

De jongen vroeg het nog een keer.

‘Wat let je om met me mee te gaan?’

Daar zat ze dan, voor deze winterse maand veel te bloot te wezen. In juli of augustus zou het niemand opvallen, maar in januari in je spaghettibandjes in de trein zitten valt gewoon op. Net als in je spaghettibandjes over een beurs te lopen trouwens. Dat had ik namelijk een paar dagen daarvoor.

Ik had een mediaworkshop gehad en merkte ineens dat ik stonk. Getver, was ik dat? Ik hou niet van stank en zeker niet bij mezelf. Had ik kennelijk weer zo’n stom strak zwart jurkachtig shirt aangetrokken dat ineens gaat stinken, ook al ben je fris gedoucht. Dat moesten we niet hebben. Ik moest de hele dag nog door op de beurs, tot en met de avond aan toe. En dus haastte ik me na de sessies met PR-bureaus en voor de presentatie over trends in het toerisme door de stromende regen terug naar Hoog Catharijne. De eerste de beste winkel waar ik iets betaalbaars en ‘netjes maar toch leuk’s vond moest ik hebben. Ik vond iets, liet ze mijn zweettruitje houden, sprayde extra deo op (ja, dat had ik wel bij me), trok mijn jas over mijn hemdje met spaghettibandjes aan, vroeg bij het afrekenen of ze het kaartje eraf wilden halen en ging terug naar de beurs.

Ik gaf mijn jas af en liep in mijn topje naar de toiletten. Om dus dat nieuwe blouseachtige shirt aan te doen. Je had die gezichten van een paar vrouwen in keurige mantelpakjes moeten zien! Hoe afkeurend kan een mens kijken? Ja,wat denken jullie nou: dat ik met mijn witte winterhuid zo in mijn spaghettibandjes over de beurs ga lopen? Neen natuurlijk! Maar ja, dat zeg je dan weer niet. Dus ik dook de toiletten in, kleedde me om, kamde mijn haren en ging terug naar waar ik zijn moest.

Maar goed, het meisje dus. Ze was te dronken. Eén van de andere meiden met wie ze was pakte ineens een paar gesmeerde boterhammen uit haar tas en deelde die uit aan het meisje en aan twee meiden voor ons. Het dronken meisje klapte de boterham open en trok een vies gezicht. Daarna begon ze toch maar te eten. Je weet nooit hoe lang de avond nog kon duren…

De bomvolle trein (half 3 ’s nachts, maar alle plekken bezet!) kwam aan op Den Haag HS. Mijn fiets stond op CS.

Heb je dát weer.

En ik had ‘m juist net weer terug. Eerder die week was ik namelijk na een lange beursdag teruggekomen uit Utrecht en was mijn fiets weg. Weg, foetsie! Ik had hem die ochtend in de stalling gezet; nou ja, oké, tien centimeter ernaast, maar wel er aan vast. Ik zweer je: 10 centimeter! Omdat er nóóit plek is bij Den Haag Centraal. En als je gehaast aankomt omdat je een trein moet halen heb je vaak net geen tijd meer om helemaal naar de stalling onder het station te gaan, of nog erger, de stalling aan de zijkant.

Weg was hij. Meegenomen. Naar het depot natuurlijk. Ik was al lang blij dat ik de kinderen niet bij me had. Of, nog erger, dat je kind nog zo klein is dat het niet kan staan en dat je na een lange treinreis met een kind op je arm en een andere trekkend aan je been eindelijk weer bij je fiets bent en moet gaan zeggen dat alles wel goed komt schatjes. Maar goed, dat was niet zo. En orders zijn orders, het moest een keer gebeuren. Ook al had ik een paar uur daarvoor nog tegen een collegablogger gezegd: ik doe altijd alles op de fiets. Maar nu even niet dus.

En dan kun je je fiets dus ophalen in het depot, in een verschrikkelijk deprimerende buitenwijk van Den Haag. Dat kost je bijna een uur met het ov en de benenwagen. En dan nog krijg je je fiets niet zomaar terug, o nee, je moet mooi wel 25 euro dokken. Vijf-en-twintig euro! En dan moet je nog een nieuw slot hebben ook. Daar leer je wel van.

Maar goed, nu had ik hem dus terug en stond hij op een ander station. Het zat ook niet mee. En het was nog niet eens Blue Monday. Nou ja, er zijn altijd ergere dingen. Eigenlijk had ik zelfs geluk. Zondag zou ik namelijk de deur niet eens uit gaan; het was namelijk een blogdag. Maar de zon scheen vol overgave. En dus ging ik toch naar buiten, voor die fiets. Wat was het heerlijk!

Gelukkig wist ik toen nog niet wat Blue Monday voor me in petto had. Maar ach, ook dat overleven we wel weer.

Op Follow my footprints postte ik een blog speciaal om Blue Monday mee door te komen. Een blog met 200 blauwe foto’s. Tweehonderd? Ja, ik weet het, ik ben niet wijs. Het kostte me mijn hele zondag verder, maar mooi is het wel toch? Allemaal blauwe foto’s die ik in meer dan 20 landen maakte. Kijk je mee? Liever een filmpje? Dat kan ook. Zet je scherm op groot en geniet.

Shoppen is altijd een goed idee