Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Column > Tessa: ‘Mijn kinderen zijn heel laat met praten en dat vind ik moeilijk’

Tessa: ‘Mijn kinderen zijn heel laat met praten en dat vind ik moeilijk’

Column
Tessa: ‘Mijn kinderen zijn heel laat met praten en dat vind ik moeilijk’

Als je eenmaal moeder bent begint onvermijdelijk het eeuwige vergelijken. Het kijken naar andere moeders. Hoe slank zijn zij na hun bevalling? Hoe zien haar borsten er na de kraamtijd uit? Hoeveel dagen werken combineren zij met het moederschap? 

Maar dat is niet het enige.

Vergelijken

Want we vergelijken als moeders massaal ook onze kinderen met elkaar. En dat doe ik ook. Nu merk ik dat mijn tweeling, Bodi en Daaf, achterloopt in hun ontwikkeling. Ze praten namelijk nog niet, terwijl ze nu 2 jaar en 2 maanden oud zijn. Dat is heel laat. Dat weet ik. Zodra je googelt wat kinderen van die leeftijd moeten kunnen zeggen, dan lees ik dingen als ‘zinnen van drie woorden’. Zoals: ‘ik wil slok’. Ze zouden papa en mama moeten zeggen, hun eigen namen, die, dat, poes, hap, bah, poep, dag, juf, oma, opa. Ze zouden moeten kunnen aangeven wat ze willen. Maar ze zeggen niet veel anders dan ‘bra ba ka wa!’. Inmiddels zit ik er echt mee. Ze lopen achter in hun ontwikkeling als ik ze vergelijk met leeftijdsgenoten en dat voelt voor mij als falen.

Het maakt me onzeker als moeder. Wat doe ik fout? Praat ik te weinig met ze? Lees ik te weinig voor? Ik doe het elke dag. Opnieuw K-A-T lezen en ‘A-P-P-E-L’ eten. Ik neem ze apart en oefen. Maar het helpt niet. Ze wijzen alles met hun vingertje aan, maar zeggen niets. Allebei niet. Ze lachen wel om elkaar, dus ze begrijpen elkaar prima. Waar ligt het dan aan? Omdat er onrustig van werd, ben ik hun gehoor gaan testen. Maar dat lijkt in orde te zijn: ze dansen op muziek en als ik vanuit een andere kamer roep, dan komen ze naar me toe. Ze begrijpen alles wat ik zeg, gelukkig.

Doe ik iets verkeerd

Maar waardoor het dan wel komt, ik heb geen idee. Met lopen waren ze heel snel: hun motorische ontwikkeling loopt dan juist weer voor op andere kinderen. Daaf liep al los met 11 maanden, Bodi rond zijn 1e verjaardag. En ik weet het: geen een kind is gemiddeld. De één is sneller met lopen, de ander heeft verbaal snel alles voor elkaar. Dat zeg ik alleen nu al maanden tegen mezelf. Weer een maand ouder, weer niet gepraat. Ik word er verdrietig van. Alsof ik ze niet goed opvoed, alsof ze dom zijn? Alsof er iets mis is met ze? En bovendien: ik merk ook dat het hen frustreert. Ze kunnen namelijk nog steeds niet duidelijk maken wat er is, en dan worden ze nijdig. Het maakt het lastig thuis.

Binnenkort gaan we naar een logopedist, om te kijken of dat helpt. Professionele hulp, dus. En daar schaam ik me niet voor. Ik vind het juist belangrijk dat we open over dit soort dingen praten met elkaar, als moeders. Want vergelijken heeft niet altijd zin. Die andere moeder heeft het niet altijd beter. Die andere moeder heeft óók haar onzekerheden. En dit is die van mij. Ik hoop maar dat ik niet de enige ben.

Tessa Heinhuis (31) is redactiemanager online van Flair én moeder van een tweeling, Bodi en Daaf (2). Ze woont sinds kort in Bussum met haar jongens en haar man Billy, en hun twee katten Gin en Tonic. Ze schrijft open over hoe het is om moeder te zijn van twins.

 

View this post on Instagram

 

A post shared by Tess (@tessaheinhuis)

Lees ook
‘Met een tweeling verschoon je gemiddeld 5.100 luiers per jaar’

Beeld Tessa: Atelier Mabel

Shoppen is altijd een goed idee