Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Column > Kiki Faber #7: ‘Zodra we de trap af zijn, rukt hij mijn slip omlaag en laat hij zijn broek zakken’

Kiki Faber #7: ‘Zodra we de trap af zijn, rukt hij mijn slip omlaag en laat hij zijn broek zakken’

Kiki Faber #7: ‘Zodra we de trap af zijn, rukt hij mijn slip omlaag en laat hij zijn broek zakken’

Kiki Faber – het nichtje van Floor – heeft één grote droom: carrière maken als zangeres. Tot die tijd werkt ze als serveerster. Relaties vindt ze ingewikkeld: gaan liefde en lust wel samen?  

Vrijdag

Midas krabbelt zijn konijn achter de oren. Eigenlijk is Bugs Bunny meer een soort kat, hij zit graag op schoot en hopst overal achter Midas aan. ‘Moet je niet gaan koken?’ vraag ik. Ik heb een scheurende honger: van tien tot zes heb ik gewerkt en daarna ben ik meteen naar Midas gefietst: veertig minuten straffe tegenwind.

‘Het is nog een beetje vroeg,’ zegt hij, ‘ik wed dat mijn moeder nog niet klaar is, maar we kunnen wel die kant op gaan.’ Zijn moeder? Zitten we in de fase dat we elkaar voorstellen aan ouders? Het is me nog niet eens duidelijk of we een relatie hebben.

We lopen over een verwaarloosd bedrijventerrein naar een gebouw waar een drukkerij in heeft gezeten. Hij schuift de deur open en we komen in een grote ruimte terecht waar in een aantal kunstwerken staan, maar het meest opvallende is een grote constructie van ijzer, waaraan plastic verpakkingen hangen en doeken met iets roodbruins. Bloed?

‘Hier werk ik aan voor de academie, het gaat over consumentisme.’ Met open mond luister ik naar zijn uitleg. Hoe bedenkt hij zoiets? Daarna lopen we een andere ruimte in. ‘Dit is het atelier van mijn moeder, ze is erg bezig met licht en kleur. Verkoopt best goed.’

Er hangen een stuk of vijf grote schilderijen die niet per se iets voorstellen, maar een fijn gevoel geven. Een doet me denken aan een regenbui op een hete zomerdag, een andere aan een veld vol bloemen. ‘Mijn moeder woont in het kantoorgedeelte,’ vertelt hij terwijl we de trap oplopen. ‘Met haar vriend Kayo die uit Nigeria komt, en wat mensen die nergens terecht kunnen.’ In een grote keuken staat een vrouw met een doek om haar hoofd voor een fornuis. ‘Hi! Ik ben Ageeth, Midas moeder.’ Ze is veel jonger dan ik verwachtte en heeft een open gezicht met grote blauwe ogen.

Lees ook
Kiki Faber #6: ‘En nu voel ik me ook nog een slet’

Een uur later zitten we rijst met linzencurry te eten aan een grote tafel met een man of vijftien, van allerlei afkomst en allerlei leeftijden – er zijn zelfs twee kinderen bij. De vrouw die naast me zit legt me uit dat ze na haar scheiding geen woonruimte kon vinden en daarom nu hier woont, dat er vluchtelingen bij zijn en drie studenten. Midas zit een eind verderop, en af en toe vang ik zijn een tikje bezorgde blik op.

Tegen elven lopen we terug naar zijn boot. ‘Hoe vond je Ageeth?’ vraagt hij.

‘Aardig.’ En compleet anders dan mijn moeder die kleuterjuf is en in een bloemkoolwijk woont. Hij pakt mijn hand vast, trekt me naar zich toe en zoent me. Het begint liefdevol maar slaat om in brandende passie. Alles in me vraagt om bevrediging. ‘De boot in,’ hijg ik.

Dat lukt nog net. Zodra we de trap af zijn, rukt hij mijn slip omlaag, laat zijn broek zakken, tilt me op en prikt zijn pik in mijn natte kut. Dat voelt geweldig. Tot hij begint te bewegen. ‘Pas op, het plafond is te laag.’ We struikelen naar de bank en daar neuken we de sterren van de hemel terwijl zijn konijn toekijkt.

Kiki Faber las je eerder bij VIVA. Lees vanaf nu elke week hier op Flaironline.nl de nieuwe Kiki’s. Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je dan gratis in voor onze nieuwsbrief.