Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Floor Faber > Floor Faber #24: ‘Ik betrap me erop dat ik denk: wat kon die jongen lekker zoenen’

Floor Faber #24: ‘Ik betrap me erop dat ik denk: wat kon die jongen lekker zoenen’

Floor Faber #24: ‘Ik betrap me erop dat ik denk: wat kon die jongen lekker zoenen’

Na een lange dag thuiswerken doe ik boodschappen in een supermarkt waar ik bijna nooit kom. Beleef ik tenminste nog wat vandaag. Met een mandje sjok ik in slow motion langs de schappen. Kijk, ze hebben hier andere stoommaaltijden en kant en klare salades. Zal ik die vegetarische curry een keer proberen?

Dinsdag

Ik bestudeer de ingrediëntenlijst wanneer iemand zegt: ‘Hé Floor? Hoe gaat het?’ Het is Kevin, het IT-schatje van mijn werk. ‘Goed, hoor, maar saai. Je bent het eerste mens dat ik vandaag in real life spreek. En jij?’
‘Niet zo best. Dat wil zeggen, met mij is het wel oké, maar mijn moeder is behoorlijk ziek.’
‘Corona?’ Ik onderdruk de neiging om een stap naar achteren te zetten. We dragen allebei een mondkapje en ik ben geboosterd dus zo’n vaart zal het wel niet lopen.

‘Nee, kanker. Borstkanker. Je zou bijna vergeten dat je dat ook nog kunt krijgen. Ze had een knobbeltje in haar borst en dacht dat het wel zou weggaan. Daar heeft ze veel te lang mee gewacht, maar de huisarts heeft het zo druk en ze is het type dat niemand wil lastigvallen. Toen ze toch ging, werd ze meteen doorverwezen. Foute boel. Ze wordt nu elke dag bestraald tot de tumor klein genoeg is zodat ze kan worden geopereerd.’

Hij ziet er zo verdrietig uit dat ik mijn hand op zijn arm leg. ‘Wat erg! Maar het komt vast goed, joh. Mijn moeder heeft ook borstkanker gehad, en die is er bovenop gekomen. Je zult zien dat die van jou ook weer beter wordt.’
‘Ja, dat zegt iedereen.’

Ineens weet ik weer hoe irritant ik destijds steeds weer die geruststellende woorden vond, omdat ik liever wilde vertellen wat er precies was gebeurd en hoe ik me voelde. ‘Heb je zin om bij mij te komen eten?’
‘Nu?’

‘Of morgen. Donderdag kan ik niet.’

‘Dan kom ik morgen. Leuk, Floor.’

Lees ook:
Floor Faber #23: ‘Ik heb geen gezin meer en woon bij mijn moeder’

Woensdag

Gisteren met Kiek aan de telefoon gehangen die me stap voor stap heeft uitgelegd hoe ik een volgens haar supersimpele rijstsalade kan bereiden. Ik heb mijn huis opgeruimd, Fred uitgelaten en ben nu aan het wachten op Kevin. Exact op tijd belt hij aan met onder zijn arm een grote bos zwaar ruikende lelies. Lief. Walt neemt nooit bloemen voor me mee.

We kletsen over werk en de lockdown, plannen voor de lente, de kanker van onze moeders, en ik betrap me erop dat ik een paar keer denk: wat kon die jongen lekker zoenen. Maar dat hoofdstuk heb ik een paar maanden geleden heel bewust afgesloten, Kevin is veel te jong en ik wil geen relatie met iemand die bij zijn moeder woont. En dus sta ik op om de salade te bereiden.

Niet alle ingrediënten kon ik in de supermarkt krijgen, maar dat lijkt me geen probleem. Ik bak een paar sojablokjes, drapeer de sla op een bord, doe de saus eroverheen en zet de borden op tafel. Het smaakt matig, erg matig. Kevin lacht. ‘Ik weet niet of ik geen hap door mijn keel krijg door die best wel vieze salade of door jou.’

Floor Faber – het nichtje van Kiki – heeft het perfect voor elkaar: leuke vrienden, huisje met tuin, hond Fred en werk als chef bij een groot online platform. Alleen met de liefde wil het niet zo lukken. Zijn alle leuke mannen op? In Flair schrijft ze elke week over haar leven. Alle columns van Floor Faber lees je nu op flaironline.nl. Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je dan gratis in voor onze nieuwsbrief