Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Celebs > Vliegende mieren? Hier komen ze vandaan en dít doe je ertegen

Vliegende mieren? Hier komen ze vandaan en dít doe je ertegen

Vliegende mieren? Hier komen ze vandaan en dít doe je ertegen

Ieder jaar steken vliegende mieren weer de kop op. Zonder enige waarschuwing zitten ze ineens overal, wat een onaangenaam aangezicht kan zijn. Al helemaal als ze bij de deur krioelen en zo onverhoopt het huis binnen komen. Maar waar komen ze nou eigenlijk zomaar vandaan?

Vliegende mieren

Vliegende mieren zijn er vaak zomaar ineens. Misschien spot je her en der wel een paar normale mieren in je tuin, maar de vliegende variant is er echter maar een korte periode. Meestal duurt deze periode een paar maanden, gemiddeld van juni tot en met september.

Levensduur

Mieren krijgen namelijk alleen vliegels in hun paartijd. De mannetjes worden in die periode voorzien van vleugels, zodat ze achter de nieuwe koninginnen uitvliegen en ze zo kunnen bevruchten. En dat verklaart ook direct waarom de mieren met vleugels maar zo kort te zien zijn: nadat de mannetjes de vrouwtjes bevrucht hebben zit hun taak erop en vallen ze – hoe naar het ook klinkt –  dood neer.

Lees ook:
Zó houd je mieren buiten de deur

Warme dagen

Op warme dagen heb je het meest kans om last te hebben van de insecten, want ze gedijen het best met warme temperaturen en zonnige dagen. Je zult ze dan ook geregeld treffen wanneer je buiten in de zon zit, en ze niet snel op een regenachtige zomerdag voorbij zien vliegen. Ze hebben namelijk een hekel aan kou, regen en wind.

Bestrijden

Het is een lastige klus om de mieren te bestrijden. De kortste klap is om kokend water te gieten in alle gaatjes en kieren waar mieren uit komen. Daarnaast werkt het strooien van kaneel, nootmuskaat, lavendel of koffiedrab ook erg goed, want hier houden de vliegende mieren totaal niet van.

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je dan gratis in voor onze nieuwsbrief.

Bron: Margriet Beestjeskwijt | Beeld: Brunopress