Je bent hier: Home > Celebs > Minister Sigrid Kaag: ‘Toen ik naar oorlogsgebieden vertrok dacht ik weleens: welke moeder doet dit nou?’

Minister Sigrid Kaag: ‘Toen ik naar oorlogsgebieden vertrok dacht ik weleens: welke moeder doet dit nou?’

Celebs
Minister Sigrid Kaag: ‘Toen ik naar oorlogsgebieden vertrok dacht ik weleens: welke moeder doet dit nou?’

Met een beetje geluk wordt ze de eerste vrouwelijke premier van ons land. Tot die tijd wil minister Sigrid Kaag (58) vooral zorgen voor wat vriendelijkere politiek. Een mooi gesprek over de kracht van verbinding, tegenslag leren incasseren, haar jeugd en niet te vergeten: haar liefde voor sneakers.

Het regent licht bij de Scheveningse strandtent waar we hebben afgesproken. Maar het weer deert Sigrid Kaag niet, voor haar is het strand altijd een goed idee. Ze komt er graag met haar gezin of honden. Stipt op tijd stapt ze binnen. In haar hand haar mobiele telefoon, die een constant gepiep van inkomende appjes laat horen. Na verloop van tijd zet ze het geluid uit. “Word jij soms ook zo gek van al die groepsapps? Voor je het weet heb je het verkeerde antwoord in de verkeerde groep gegeven”, zegt ze. “En niet reageren wordt ook niet altijd gewaardeerd.” Ze is, kortom, een mens als iedereen. Een mens die nu eerst even koffie bestelt en dan voor de laatste keer iets intikt op haar telefoon. “Zo, klaar, steek maar van wal. Wat wil je weten?”

Allereerst: hoe gaat het?

“Goed, ik heb bijna vakantie. En dat kon ik goed gebruiken, want het is voor ons allemaal een bijzonder druk jaar geweest. Niet alleen vanwege corona, want op ons departement speelde meer dan dat we binnen de nieuwe omstandigheden moesten leren schakelen en werken. Met name de vraag hoe we het internationale bedrijfsleven konden ondersteunen werd urgent voor ons, want er ging veel nog wél door, ook in het buitenland.”

Het was ook het jaar waarin bekend werd dat je je beschikbaar stelt als lijsttrekker voor D66. Hoe kwam die beslissing tot stand?

“Dat was een proces, ik heb daar lang over nagedacht. Uiteindelijk had het voor een deel te maken met een vorm van schatplichtigheid naar de mensen die mij ooit de kans hebben gegeven om in de politiek te gaan werken. Zoals voormalig fractievoorzitter Alexander Pechtold, die mij ooit in de partij vroeg en mij de kans heeft gegeven om minister te worden. Maar ook Rob Jetten die begin dit jaar in een persoonlijk gesprek zei ruimte voor mij te willen maken als lijsttrekker. Natuurlijk heb ik het gedaan omdat ik het zelf belangrijk vond, maar er zat ook een bepaalde dankbaarheid van mij achter. Ik vind dat je niet voor niets de politiek in gaat, maar dat je dat met een reden moet doen. Als dat betekent dat je iets kunt doen voor de partij en voor je collega’s, zie ik niet in waarom ik dat niet zou doen.”

Bij de acceptatie van het lijsttrekkerschap zei je ook dat je bereid bent om eventueel minister president van het land te worden. Daarmee zou je de eerste vrouwelijke premier van Nederland worden.

“Ja, maar dat premierschap als eventueel gevolg geldt voor iedereen die deze kandidatuur aangaat. Als Mona Keijzer afgelopen zomer als lijsttrekker was verkozen voor het CDA, hadden ze haar dat ook kunnen vragen. En ‘ja’ is dan geen vreemd antwoord, ook niet voor een vrouw. Ik begrijp niet waarom dat bij een man geen nieuws is en bij een vrouw ineens wel. Wat dat betreft hebben we in Nederland nog wel wat winst te behalen.”

Lees meer
Benja Bruijning verloor vader vlak na geboorte van dochter: ‘In een maand ging hij van kerngezond naar overleden’

Je woont met je gezin pas sinds 2017 weer in Nederland. Je kreeg kritiek dat je dit land daardoor niet meer zo goed zou kennen.

“Ik ben hier opgegroeid en heb hier jaren gewoond. Waar je vandaan komt, vergeet je niet zo snel. Ik reisde regelmatig terug naar Nederland toen ik mijn buitenlandse posten bekleedde. En soms is wat afstand van je thuisland hebben ook nuttig. Je kunt er een andere, frisse blik van krijgen.” Ze groeide op in Zeist, waar ze, zoals ze zelf zegt, een heel gewone jeugd had. “Ik ging daar naar school en zat er op hockey, met mijn ouders en mijn zus woonden we in een flat. Dat was geen luxe bedoening, er moest bij ons thuis gewoon hard gewerkt worden, door ons allemaal. Van mijn ouders leerde ik dat school belangrijk was, maar leren ging me ook makkelijk af. Grote toekomstplannen had ik niet, en nog steeds plan ik mijn leven eigenlijk niet. Het klinkt misschien vreemd, maar ik ga ervan uit dat dingen toch anders lopen dan je denkt. Zowel in positieve als in negatieve zin.”

Met dat laatste kreeg ze al jong ervaring, toen rond haar dertiende haar moeder ernstig ziek werd. “Zij was iemand die nooit naar de dokter ging. Toen ze steeds ergere hoofdpijn kreeg, dachten de huisarts en zijzelf eerst nog dat ze gewoon een beetje oververmoeid was. Het bleek een hersentumor, waarvoor ze opgenomen moest worden. Ze heeft een tijd in kunstmatige coma gelegen. Tegelijkertijd werd mijn vader zwaar overspannen.”

In de jaren dat ze veel in het buitenland werkte, reisden haar man en vier kinderen in de meeste gevallen met haar mee. Nu is iedereen zo goed als in Nederland gesetteld. Haar kinderen studeren deels in Nederland en deels in Engeland. Als ze over hen praat, wordt haar gezicht zacht, bijna kwetsbaar. Uit privacyredenen wil ze niet veel over ze kwijt. Ze reageerden wisselend op haar mogelijke lijsttrekkerschap, van ‘ja, dat is natuurlijk logisch, mam’ tot ‘dan ben je straks helemaal nooit meer thuis’. Natuurlijk is hun mening belangrijk voor haar, zegt ze. “En ik heb me ook weleens afgevraagd wat ik ze ging aandoen. Mijn enige écht grote zorg is altijd hun welzijn geweest, over dat van mij maakte ik me niet zo druk. Ook toen ik zonder hen voor missies naar oorlogsgebieden vertrok, dacht ik weleens: welke moeder doet dit nou, ik moet straks wel levend terugkeren. Maar ik deed die dingen omdat ik ze té belangrijk vond, en dat wisten mijn kinderen ook.” Net als haar man Anis, oud-diplomaat en minister van Palestijnse afkomst, met wie ze in 1993 trouwde. Op Instagram postte ze op Valentijnsdag nog een vrolijke foto van hen samen, met de tekst #sneakercouplegoals.

Daarover gesproken: je hebt een sneakerobsessie. Hoeveel paar heb je eigenlijk?

“O, veel te veel. En mijn dochter en ik hebben dezelfde maat, dus we lenen ze ook nog van elkaar. Soms vind ik dat ze echt weer eens goede leren schoenen moet aanschaffen, maar dan komt ze weer met sneakers thuis. Ik kan er niets van zeggen, ik ben net zo erg. Ik moet er niet aan denken dat ze ooit uit de mode raken en we weer op hakken moeten gaan lopen.”

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je dan gratis in voor onze nieuwsbrief.

 

Dit bericht bekijken op Instagram

 

Eind juni maakte ik bekend dat ik graag lijsttrekker wil worden van D66, onder andere met een groot interview in @vrij_nederland. Ik vind dat het tijd is voor nieuw leiderschap. Juist in tijden van crisis is het belangrijk om draagvlak te zoeken. Ook voor impopulaire standpunten, zoals het belang van de Europese Unie, migratie en integratie en verduurzaming. Ik vind dat je je rug moet durven rechten, ook al gaat het tegen de tijdgeest in. Ik ben overweldigd door al jullie reacties! Er hebben zich veel vrijwilligers gemeld. Veel mensen zijn lid geworden van D66 om in augustus mee te bepalen wie de lijsttrekker wordt. Doe je ook mee? Mail naar ik@kieskaag.nl of word lid van D66 voor slechts 1 euro per maand. Het interview is nog steeds te lezen via vn.nl/sigrid-kaag. Foto: @bergdotjpeg

Een bericht gedeeld door Sigrid Kaag (@sigridkaag) op

 

Dit bericht bekijken op Instagram

 

In 2016 sprak ik voor het eerst het D66 congres toe. Ik was toen VN-vredesgezant in Libanon en Israël (VR-resolutie 1701) en deed de oproep voor meer internationale samenwerking, juist in tijden van crisis. In deze coronacrisis is die oproep nog steeds actueel. De les van corona is niet: achter de dijken, deuren dicht. Dat is niet reëel en niet de oplossing. We zien door de coronacrisis hoe afhankelijk we van elkaar zijn. In China en India lag de productie van grondstoffen voor medicijnen stil, dus konden medicijnen voor de rest van de wereld niet worden gemaakt. Mondkapjes en beademingsapparatuur werden schaars. Juist nu moeten we internationaal samenwerken. Bijvoorbeeld bij de ontwikkeling van een vaccin. Dat is van groot belang voor onze gezondheid en voor onze economie.

Een bericht gedeeld door Sigrid Kaag (@sigridkaag) op

 

Dit bericht bekijken op Instagram

 

Rob, je bent een geweldige politicus en fractievoorzitter. Ik ben heel dankbaar voor je steun! @jettenrob

Een bericht gedeeld door Sigrid Kaag (@sigridkaag) op

Tekst: Liesbeth Smit | Beeld: Bart Honingh, Instagram

Shoppen is altijd een goed idee