Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Celebs > Patrick Martens: ‘Die theaterwereld was voor mij een soort vlucht om niet mezelf te hoeven zijn’

Patrick Martens: ‘Die theaterwereld was voor mij een soort vlucht om niet mezelf te hoeven zijn’

Patrick Martens: ‘Die theaterwereld was voor mij een soort vlucht om niet mezelf te hoeven zijn’

Acteur en presentator Patrick Martens (43) is sinds een jaar een van de vaste presentatoren van ‘Koffietijd’. En ja, daar voelt hij zich helemaal thuis. Al is de ambitie om in een sitcom te spelen er zeker ook nog. “Niemand kan aan de buitenkant zien wat jij wilt, of wat je ambities zijn. Dus moet je het zelf de kosmos ingooien.” 

Je bent begonnen als acteur, heb je op dat vlak nog ambities?

“Ja. Alleen doe ik dat nu wat minder omdat het lastiger is om mij te casten. Ik ben toch die presentator van Koffietijd. Maar het lijkt me geweldig om in een sitcom te spelen of in een heel spannende thriller.”

Is het niet jammer dat acteren nu op een laag pitje staat? Je hebt je leven in Brabant ervoor opgegeven.

“Nou, zoals je het nu zegt, klinkt het wel heel dramatisch. Ik ben uit Rijsbergen, het dorp waar ik ben opgegroeid, weggegaan omdat ik wist: als ik dat niet doe, ga ik een heel ongelukkig leven tegemoet. Ik zou waarschijnlijk getrouwd zijn en kinderen hebben en iets met ‘groen’ doen omdat ik op de land- en tuinbouwschool zat.”

Hoe zag dat leven er totdat je wegging dan uit?

“Het was eigenlijk een veilige bubbel. Mijn hele familie woont in Brabant, in hetzelfde dorp, veel ook in dezelfde straat. Ik ben opgegroeid met allemaal ooms en tantes. Ik speelde de hele dag met mijn broer en neefjes en nichtjes buiten. Als onze kleren nog schoon waren als we ’s middags thuiskwamen, vroeg mijn moeder of alles wel goed was gegaan. Ze was gewend dat we onder de modder en met gaten in onze broeken terugkwamen. Ik heb een heel fijne jeugd gehad, maar toen ik een jaar of zestien was, voelde ik al dat het een leven was dat ik niet wilde. Het idee was toch: naar de grote stad gaan en acteren. Al heeft het nog lang geduurd voordat ik die stap durfde te zetten.”

Hoe oud was je toen je dat durfde?

“Negentien. Na de middelbare school had ik geen idee wat ik wilde doen. Tegen een leraar had ik gezegd dat ik naar de toneelschool wilde. Maar dat was zó’n andere wereld. Hij zei: ‘Daar heb ik geen folders van, ga maar gewoon een vak leren.’ Het werd ook een beetje weggelachen, waardoor ik niet echt durfde door te zetten. En toch, het idee liet me niet los. Toen ik negentien was, stond ik tijdens carnaval in een café tussen allemaal hossende mensen. Het was, achteraf gezien, zo’n life-changing moment. Ik dacht: ik moet hier gewoon mee stoppen. Anders blijf ik hier hangen en sta ik over tien jaar nog carnaval te vieren.”

Kwam dat voor je ouders uit de lucht vallen, of hadden ze zoiets van: o ja, dat hadden we wel zien aankomen?

“Beide, al vonden ze mijn stap om naar Amsterdam te gaan doodeng.” Met een dik Brabants accent: “Wat gaat gij doen? Acteur worden? Maar gij praat gewoon met de zachte g. Hoe ga je dat dan doen?” Mijn ouders zagen toneelspelen als hobby, niet als een baan met veel toekomstperspectief. Ook voor hen was dat een heel andere wereld. Mijn vader was hovenier en liep de hele dag op klompen, mijn moeder was naaister en naaide petjes. Het dorp uitgaan was voor hen al een hele stap, en daar kwam acteren dan nog bij. Dus ja, die hebben zich wel zorgen gemaakt. Maar ik had me voor een workshop in Utrecht ingeschreven, Acteren voor de camera, en dat ben ik gaan doen. Of ze me lieten gaan? Ja, natuurlijk. Ze zagen ook wel in dat tegenhouden geen zin had en dat toneelspelen iets wezenlijks voor mij was. Ik deed altijd mee aan de schoolmusical en speelde bij een amateurgezelschap. Spelen, verkleden, visagie, ik kon me daar helemaal in verliezen. Ik kon iemand anders zijn, want ik was niet zo blij met wie ik toen was. Ik wist al heel jong dat ik op jongens val. Dat is een behoorlijke zoektocht geweest die zich vooral vanbinnen afspeelde. Die theaterwereld was voor mij een soort vlucht om niet mezelf te hoeven zijn.”

Lees ook
Willie Wartaal is fanatiek aan het sporten: ‘Als je je kinderen niet kunt optillen, is dat niet oké’

Op wat voor manier is die periode vormend voor jou geweest?

“Het is uiteindelijk de aanzet geweest naar mijn coming-out. Ik was 23 toen ik het aan mijn ouders heb verteld. Redelijk laat, maar er gebeurde zo veel in die tijd. Ik kwam op televisie, lag voor mijn gevoel onder een vergrootglas, dat maakte het voor mij niet makkelijker. Ik heb die tijd ook wel nodig gehad, om in mezelf te zinken. Om het gevoel te krijgen dat ik goed ben zoals ik ben en mezelf accepteerde en trouw aan mezelf kon zijn.”

Lees het volledige interview met Patrick Martens in Flair 27-2021 , deze ligt vanaf 7 juli in de winkels. Wil je ‘m liever laten bezorgen? Bestellen (of nabestellen) kan hier.

Tekst: Saskia Smith | Fotografie: Bart Honingh