Je bent hier: Home > Celebs > BLØF’s Paskal Jakobsen: ‘Wie voor een dubbeltje geboren is, wordt nooit een kwartje, kreeg ik te horen’

BLØF’s Paskal Jakobsen: ‘Wie voor een dubbeltje geboren is, wordt nooit een kwartje, kreeg ik te horen’

Celebs
BLØF’s Paskal Jakobsen: ‘Wie voor een dubbeltje geboren is, wordt nooit een kwartje, kreeg ik te horen’

Dat BLØF-zanger, gitarist en songwriter Paskal Jakobsen (46) goed kan zingen, weten we. Dat hij ook een killing beef rendang maakt (en nu zelfs met een kookboek komt!) is misschien minder bekend. ‘Muziek maken en koken lijken wel een beetje op elkaar, het is beide een vorm van componeren.’

Halverwege het interview, als we het al hebben gehad over kokkels vinden langs de Zeeuwse kust en dat je aan een goede stoofpot gerust twee flessen wijn kunt toevoegen, zegt Paskal dat hij nooit zo van het recepten lezen was. Wat best opmerkelijk is voor iemand die net een kookboek, Ruige kost, heeft afgeleverd.

Ben je vanuit die openbaring dat je recepten moet lezen, met je vriend en chef-kok Edwin Vinke een kookboek gaan maken?

“Dat boek is eerder ontstaan vanuit een zoektocht. Vijftien jaar geleden was ik allesbehalve een avontuurlijke eter. Ik at alleen maar wat ik kende: stamppot met een gehaktbal, macaroni met tomatenpuree en smac, saucijzenbroodjes. Toen ik mijn vrouw Door leerde kennen, veranderde dat, want zij is in veel dingen veel avontuurlijker dan ik. Edwin heeft me daarin ook uitgedaagd. Als ik zei dat ik geen vis lustte, zette hij juist vis op tafel. Met ons kookboek willen we laten zien dat het niet ingewikkeld is om een avontuurlijke eter te zijn, of te worden, en dat koken niet moeilijk is. Als ik het kan, kan iedereen het.”

Jij komt zelf uit een stamppottengezin.

“Ik kom dus niet uit een heel culinair nest. Maar ik heb er met terugwerkende kracht wel een paar guilty pleasures aan overgehouden. Een eenvoudige macaroni met smac is niet per se heel lekker, maar er is zoiets als culinaire conditionering waardoor je bepaalde dingen uit je jeugd gewoon lekker vindt. Aan de andere kant kun je op latere leeftijd je smaak nog ontwikkelen. Edwin schoof mij een keer een brioche met rookwortel en kimchi voor mijn neus. Weet je wat dat is, kimchi? Kool die met melkzuurbacteriën is gemengd waardoor hij fermenteert. Een soort zuurkool eigenlijk. Ik vond dat idee van die kool met die bacteriën gewoon smerig.”

Maar het is een long way van smac naar kimchi.

“Ik heb altijd wel een drang gehad om te groeien. Mijn ouders zeiden: ‘Wie voor een dubbeltje geboren is, wordt nooit een kwartje.’ Ze vonden dat je genoegen moet nemen met dat wat je krijgt. Maar dat wilde ik niet. Ik dacht: ik wil de beste zijn in wat ik kan. Ik wil wereldberoemd worden, mijn dromen nastreven.”

Is dat ook wat je jouw jongens meegeeft?

“Ik probeer ze de vrijheid te geven om te kunnen worden wie ze willen zijn. En dat is vooral een lesje in loslaten. Want hoe meer ik me ermee bemoei, hoe meer ze er geen zin meer in hebben. Zo wilde ik graag dat ze een instrument zouden spelen, want dat heeft mij zo ontzettend veel gebracht. Maar daar hadden ze helemaal geen zin in. Totdat ik het losliet en Sem toch wel op pianoles wilde, en later op gitaarles. En Mats ineens drummer wilde worden. Nu hebben ze samen met de buurmeisjes een band. Echt heel leuk, want ze zijn bloedje serieus. Ik hoor ook dat ze heel muzikaal zijn, maar zodra ik iets zeg als: ‘Goh jongens, je zou natuurlijk ook dit of dat kunnen doen’, roepen ze in koor: ‘Páááp!’ Dus bijt ik op mijn tong en geniet van een afstand. Soms komen ze naar me toe met een liedje en vragen ze of ik dat met ze kan spelen. Dat is leuk, want zo leer ik ook de muziek waar zij nu naar luisteren een beetje kennen. Als ik dan de akkoorden van het couplet en refrein heb voorgespeeld, zeg ik dat ze moeten oefenen, maar dat vinden ze nergens voor nodig. Ze gaan direct naar de buurmeisjes, zodat ze het kunnen spelen. Ik oefen driekwart jaar op een nummer en zij slaan het na één keer horen op en spelen het gewoon. Dat is ook wel leuk om te zien, dat ze een beetje klooien met muziek. Daar leer je ook het meeste van.”

Is er verschil tussen de man die we zien op het podium en die hier nu zit? Op het podium lijk je in control.

“Het podium is mijn comfortzone bij uitstek. Ik heb de regie en bepaal wat er gebeurt. Dat is natuurlijk een controle-dingetje. In het dagelijks leven wil ik meer op de achtergrond blijven. Ik vind het soms moeilijk om met mensen een gesprek aan te gaan of geïnterviewd te worden, omdat ik die controle dan niet heb. In de kern ben ik natuurlijk dezelfde man, maar ik sta op het podium wel in mijn rol als zanger. In die rol ben ik ook veel ‘lichter’ dan als ik niet optreed. Ik heb de neiging tot ‘zwaar’ denken. Muziek heeft in die zin een helende werking, als ik zing voel ik me goed, valt het zware van me af. Door is het tegenovergestelde, een optimist pur sang. Ze is heel positief, ziet overal uitdagingen liggen en weinig beren op de weg. Jammer genoeg herken ik dat niet echt bij mezelf. Ik vind het al snel moeilijk. Maar door haar ben ik in balans. Het is prettig om, als je zelf wat zwaarder van karakter bent, iemand in je omgeving te hebben die dat luchtige heeft.”

Je bent samen met Door en Edwin en zijn vrouw streetfoodrestaurant ‘Hard & Ziel’ begonnen in Middelburg. Gaat dat goed: samen wonen, samen werken?

“Het is altijd een droom van Door en mij geweest om samen iets te beginnen. Door komt uit het onderwijs en heeft haar eigen coachingpraktijk gehad. Dat liep allemaal prima. Maar toen we een restaurant konden overnemen, wat een unieke kans was, zijn we er bovenop gedoken. Juist omdat we zo verschillend zijn, werkt het goed. Ik kan ook prima alles aan haar overlaten, heb niet de neiging om me overal mee te bemoeien. Op papier zijn we allemaal eigenaar, maar Door runt de boel. Ik rommel gewoon wat in de periferie van het restaurant. Voor de coronacrisis was ik druk met het organiseren van livemuziek. Ik regelde de muzikanten, zette het geluidssetje op, dat soort dingen. Of ik regel nieuwe stoelen als we die nodig hebben, of ga achter een nieuwe vergunning voor het terras aan. Ik doe veel hands-on dingen, mij moet je niet laten serveren. Los van de onhandigheid die ik heb, voel ik me daar vooral ongemakkelijk bij.”

Maar je sprong wel met gemak op de brommer om de bezorgingen rond te brengen.

“Toen de coronacrisis uitbrak, waren we nog maar een paar maanden open. Ook wij moesten onze deuren sluiten. We konden gelukkig wel doorgaan met eten bezorgen. We hadden twee jongens die de hele avond op hun brommers heen-en-weer reden en dan ben ik ook niet de beroerdste om mee te helpen als dat nodig is. Dat was ook wel lachen, mensen waren heel verbaasd dat ik ineens met mijn helm op voor
hun deur stond.”

Lees ook
Sophie de Buisonjé: ‘Een nieuwe zwangerschap zou de kans op wéér een tumor vergroten’

Ik vroeg net op welke manier Door jouw leven heeft veranderd, hoe is dat andersom?

“Eigenlijk is de vraag dan: wat denk je dat jij voor haar kunt inbrengen? Ik denk dat ik heel warm en betrouwbaar ben. En daar staat tegenover dat ik ook een opgewonden standje ben en niet makkelijk in de omgang. Maar ik geloof wel dat ik een lieve partner voor haar ben. Mijn leven brengt ook veel hectiek en opwinding met zich mee. Aan de ene kant hebben we een heel dynamisch werkend leven en aan de andere kant een heel rustig, kabbelend thuisleven. We zijn ook graag thuis met de kinderen. Het leven in Zeeland is misschien niet zo dynamisch, maar de rust is ontzettend fijn. Het leven is hier overzichtelijk en ik houd van de nuchtere mentaliteit. We geven elkaar hier niet zo snel een schouderklopje, niemand voelt zich beter dan de ander. Mijn werk is net zo belangrijk als dat van een bakker of loodgieter. Mensen hebben vaak het idee dat Zeeland aan het einde van de wereld ligt. Als ik na een optreden naar huis rijd, wordt er heel vaak gevraagd: ‘Hélémaal terug naar Zeeland?’ Maar zelfs vanuit Groningen ben ik in tweeënhalf uur thuis.”

Voor BLØF ligt alles in deze coronatijd stil, zien jullie elkaar veel in deze maanden?

“We zien elkaar minder dan normaal, maar gelukkig kunnen ook wij allemaal vanuit huis werken. Dat alles stopte, was overigens een heel bittere pil, want natuurlijk willen we graag optreden. We zijn nu volop bezig met het maken van nieuw werk, die behoefte was er ook wel. Er is nog geen vastomlijnd plan, ik hoop dat we over een paar maanden een nieuwe single kunnen uitbrengen. En dan kijken we weer verder. Deze periode boort ook wel een ander level van creativiteit aan. De muziek die we nu maken is doorspekt met de situatie waarin we nu zitten. Ik ben momenteel veel thuis en ben vaak in de keuken te vinden. Als ik kook, luister ik naar alle soorten muziek, maar ik merk dat ik de afgelopen maanden vooral naar blues luisterde. Dat hoort misschien ook wel een beetje bij deze tijd, een bepaalde melancholie. Ik denk dat we allemaal in meer of mindere mate terugverlangen naar hoe het vroeger was.”

Keukenvrienden en levensgenieters Paskal Jakobsen en Edwin Vinke delen hun favoriete en succesvolle recepten in dit kookboek over proeven en beleven in de keuken. Ruige kost, € 25, uitgeverijcarrera.nl

Verder lezen? Het hele interview lees je in Flair 28-2020. Deze ligt tot en met 14 juli in de schappen. Wil je ‘m liever laten bezorgen? Bestellen (of nabestellen) kan hier.

 

Dit bericht bekijken op Instagram

 

Psssst… … Michelin sterrenchef Edwin Vinke en ik zijn met iets heel leuks bezig. Kan niet wachten om het aan iedereen te vertellen.

Een bericht gedeeld door Paskal Jakobsen (@paskaljakobsen) op

 

Dit bericht bekijken op Instagram

 

Mee naar de judo van Sem. Papa’s en Mama’s mochten meedoen.

Een bericht gedeeld door Paskal Jakobsen (@paskaljakobsen) op

 

Dit bericht bekijken op Instagram

 

Mijn zoons hebben een band! Een topband. Remo band.

Een bericht gedeeld door Paskal Jakobsen (@paskaljakobsen) op

Tekst: Saskia Smith | Beeld: Bart Honingh

Shoppen is altijd een goed idee