Je bent hier: Home > Celebs > Schrijfster Marjolein Beumer: ‘Ik werd zelf pas veel later de moeder die ik had willen zijn’

Schrijfster Marjolein Beumer: ‘Ik werd zelf pas veel later de moeder die ik had willen zijn’

Celebs
Schrijfster Marjolein Beumer: ‘Ik werd zelf pas veel later de moeder die ik had willen zijn’

Haar verleden leverde scenario- en boekenschrijfster Marjolein Beumer (53) stof te over voor een debuutroman: “Mijn jeugd werd voor een groot deel bepaald door mijn schizofrene vader. En mijn moeder was aan het overleven. Na de scheiding veranderde hij in een psychiatrische patiënt op de gesloten afdeling. Veel te zwaar voor mij als dertienjarige om te bevatten.”

Na het interview duikt ze in de buurt de studio in om haar boek in te spreken, vertelt ze. Dat is ook de reden waarom ze hier wilde afspreken. Het boek is haar debuutroman en gaat over de flamboyante actrice Catherina en haar dochter Laura, die een slecht zelfbeeld heeft en háár dochter Puck moeilijk kan loslaten. Als scenarioschrijfster schrijft Marjolein zelf het script van het boek, want het verhaal leent zich óók goed voor een film. Daarnaast staat ze twee dagen per week voor groep 1 en 2 van een basisschool in de Amsterdamse Bijlmer.

Juf Marjolein? Dat lijkt me iets heel anders dan schrijven.

“De laatste jaren viel het me op dat ik me ongemakkelijk voelde als het over het lerarentekort ging. Als er op televisie een item over was, had ik de behoefte om even koffie te gaan zetten, omdat ik me schuldig voelde. Ik kón voor de klas staan, maar deed het niet. Afgelopen jaar viel alles ineens samen. Mijn boek was af, mijn jongste dochter ging vier maanden naar Azië, ik had de behoefte om onder de mensen te zijn – we wonen nogal afgelegen – en ik vond het belangrijk om iets voor anderen te gaan doen. Dus ik dacht: ik ga het gewoon doen. Ik vind mezelf meer een juf voor groep 7 of 8, maar op deze school was een tekort aan kleuterjuffen. En ik vind het waanzinnig leuk. Én vermoeiend: na twee dagen ben ik gesloopt. Maar dan is er ook weer de rust om aan het script te schrijven. Voor nu is het de perfecte combinatie.”

De vraag ‘Wat geef je door?’ is de trigger geweest om het boek te schrijven. Heb je die vraag ook aan jezelf gesteld?

“Natuurlijk. Het moederschap is een mooi en ook complex iets. Niemand leert hoe je dat moet doen. Je moet het zelf maar en beetje uitvogelen. Dat gaat met vallen en opstaan. En fouten maken. Ik denk dat ik pas veel later de moeder werd die ik had willen zijn. Ik zat vroeger heel erg in die zorgrol en was bezig met dingen voor mijn kinderen op te lossen en glad te strijken. Als er nu iets gebeurt, probeer ik ze het vertrouwen te geven dat ze het heel goed zelf kunnen. En dat als het een keertje tegenzit er niet meteen reden tot paniek is. Vroeger wilde ik eigenlijk te graag dat het goed met ze ging, waardoor ik veel krampachtiger was.”

We worden allemaal gevormd door onze opvoeding, zeg je. Hoe uit zich dat dan bij jou?

“Na de scheiding van mijn ouders veranderde mijn vader van het ene op het andere moment in een psychiatrische patiënt op de gesloten afdeling. Dat was veel te zwaar voor mij om te bevatten. Het enige wat ik kon doen, was doorgaan met mijn leven. Dat doe ik nog steeds. Ik reageer op tegenslag door actie te ondernemen en door te gaan. Dat kan een voedingsbodem zijn voor creativiteit, maar het is tegelijkertijd ook een valkuil. Want ik ben geneigd om daarmee ook de lastige gevoelens uit de weg te gaan. Eigenlijk is dit boek ook zo ontstaan. Ik had gedoe met werk, liep tegen een burn-out aan, had thuis dat lege nest en toen ben ik dit boek gaan schrijven.”

Je schrijft nu het scenario van je boek. Heb je dan niet zoiets van: ik ga zelf weer een rol spelen?

“Nee, dat is echt wel voorbij. In de tijd dat ik actrice was, zat ik nog helemaal niet goed in mijn vel. Vanaf mijn dertiende had ik mezelf opgeblazen tot een grote volwassen vrouw. Zonder dat ik gehoor gaf aan dat wat ik werkelijk nodig had of wat ik voelde. Ik had in feite die hele ontwikkeling van ‘worden wie je bent’ overgeslagen. Als actrice moest ik me steeds verhouden tot wat iedereen van me vond, maar ik wist zelf niet eens hoe of wie ik was. Of mensen me nou goed of slecht vonden spelen, ik raakte ervan in de war.”

Lees ook
Vivienne van den Assem: ‘Ik kon voor mijn gevoel niks’

Wat gebeurde er met je vader nadat hij zich liet opnemen?

“Mijn zussen en ik zijn voor hem gaan zorgen. Wat best raar is, want mijn moeder trok zich er helemaal van terug. Die wilde niks meer met hem te maken hebben. Hij heeft dertig jaar in een psychiatrische inrichting gezeten. In het begin gingen mijn zussen en ik om beurten naar hem toe, zodat er altijd iemand bij hem was. Ik zat met mijn zus Famke (actrice Famke Janssen, red.) een keer in de behandelkamer van de psychiater en die betrok ons bij de behandeling van onze vader. We werden er behandeld als volwassenen.”

Heb je ook mooie herinneringen aan je vader?

“Nee, er was eigenlijk altijd wel iets aan de hand. Er was een continue, onderliggende spanning die ik als kind niet begreep. Als hij thuis was, zat ik op mijn kamer. Mijn vader deed alles te groot, hij lachte te hard, sprak te luid, was enorm depressief of heel vrolijk. Hij was een man van uitersten, in zijn lichte en donkere dagen. Dat zorgt ervoor dat je als kind altijd op je hoede bent.”

Wie past er eigenlijk een beetje op jou?

“Ik denk dat vooral mijn man Rik dat doet. Ik leerde hem kennen op mijn 24ste. Hij is ook de jongste van drie en heeft een zeer bewerkelijke vader. Dus dat hebben we onbewust in elkaar gezien en herkend. Hij is mijn grote, sterke schouder. Maar hij kan ook iets dwingends hebben, terwijl ik nogal eigenwijs ben. Dat botst weleens.”

Wat zorgt ervoor dat jullie met elkaar verbonden blijven?

“Aantrekkingskracht. Onze relatie kent torenhoge pieken en heel diepe dalen. We hebben vaak genoeg tegenover elkaar gestaan. Maar dat we elkaar nog steeds zo aantrekkelijk vinden, heeft ons er tot nu toe van weerhouden weg te gaan. Ook al zijn we de afgelopen 29 jaar veranderd, ik vind hem nog steeds heel mooi. Als Rik de kamer komt binnenlopen, kan ik daar nog steeds heel erg blij van worden.”

Lees het volledige interview, in Flair 07-2020. Deze editie ligt vanaf 19 t/m 26 februari in de winkels. Wil je ‘m liever laten bezorgen? Bestellen kan hier

Tekst: Saskia Smith | Beeld: Bart Honingh

Shoppen is altijd een goed idee