Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting!

Je bent hier: Home > Celebs > Acteur en schrijver Dragan Bakema (41) speelt z’n eerste monoloog: ‘Ik moet dat ego durven loslaten’

Acteur en schrijver Dragan Bakema (41) speelt z’n eerste monoloog: ‘Ik moet dat ego durven loslaten’

Acteur en schrijver Dragan Bakema (41) speelt z’n eerste monoloog: ‘Ik moet dat ego durven loslaten’

Komend seizoen speelt acteur en schrijver Dragan Bakema (41) voor het eerst in z’n leven een monoloog. En wat voor een. In het theaterspektakel Taste, dat vol effecten zit, kruipt hij in de rol van een chef-kok die zijn smaak kwijtraakt. 

“Het voelt een beetje als een comeback,” zegt hij over het weer op de planken staan na het coronajaar. “Ik speelde in Lazarus, dat halverwege stopte door de coronacrisis, een geweldige, spectaculaire voorstelling. En na een heel lange tijd mag ik instappen met wéér iets spectaculairs. Ik kom niet terug met een klein toneelstukkie, maar met een nieuw verhaal, iets wat nog niet gemaakt is, geen stuk dat al honderdzestig keer met een nieuwe interpretatie actueel is gemaakt. In een theater dat speciaal voor Taste is gebouwd in de Amsterdome. Dat is wel hoe ik een comeback wil maken.”

Over het stuk zelf kan hij nog niet veel vertellen. Vooral omdat er verrassingen in zitten die hij niet wil prijsgeven. “Nou ja, ik kan natuurlijk wel vertellen dat het gaat over de noodlottige geschiedenis van een sterrenkok die zijn smaak kwijtraakt en daardoor zijn wereld ineen ziet storten.”

Het is een 360 graden-voorstelling, wat moeten we ons daarbij voorstellen?

“Een interdimensionaal theaterspektakel dat zich richt op alle zintuigen. Ik maak gebruik van beelden, muziek, smaken, geuren en gezichtsbegoochelingen. Het is een heel intense manier van theater, zowel voor mij om te spelen, als voor het publiek om te ervaren. Tien jaar geleden speelde ik in Soldaat van Oranje, ook zo’n soort voorstelling. Ik had er toen geen idee van en dacht: laat ik het gewoon eens proberen. Het was overweldigend.

Ik stond daar als jonge acteur ineens in een stuk dat groter was dan ik, groter dan mijn ego ook. Ik vond dat toen moeilijk, ik wilde dat er naar mij werd geluisterd, maar nu weet ik dat ik gewoon moet doen waar ik goed in ben – spelen – en dat ego durven loslaten. Dat loslaten helpt overigens ook goed in zo’n coronajaar. Ontneem een man of een vrouw zijn of haar werk of geld om het gezin te onderhouden en wat blijft er dan over om in jezelf te geloven? Gelukkig heb ik altijd iets om op terug te vallen.”

Waar val je op terug als werk wegvalt?

“Mijn vindingrijkheid, mijn liefde voor mijn gezin, dat is misschien wel mijn grootste drijfveer, en mijn wens om verhalen te vertellen. Toen ik in New York studeerde, zei een docent: ‘I would like Dragan in the lines if I would go to war. He will be the guy that always has cigarettes or something.’

Ik vond dat een mooi compliment, want hij zag mijn wil om niet te denken: dit overkomt mij, maar: wat kan ik hiermee doen? Toen ik het afgelopen jaar niet meer kon spelen, ben ik gaan schrijven. Scenario’s, ideeën voor films, een podcast. Dat kon ook omdat we thuis de rollen hebben omgedraaid en Kiki, mijn vriendin, ging werken.”

Beviel dat voor zowel jou als Kiki?

“Het was leuk om veel bij mijn kinderen te kunnen zijn, maar in het begin kon ik daar niet van genieten, omdat ik me zorgen maakte over, met name, mijn geld en werk. Maar later heb ik het ook als heel mooi en bijzonder ervaren. We hadden best een traditionele rolverdeling: ik werkte, Kiki was thuis bij de kinderen. In mijn werk is het handig als er een stabiele factor thuis is, en Kiki wilde graag moeder worden en bij onze kinderen van zes, vier en twee zijn.

We hebben elkaar leren kennen op de set van Rembrandt en ik. Ik speelde Rembrandt en zij begeleidde de jongen die mijn jongere ik speelde. En nu past ze op mijn jonge ik-jes, haha! Maar toen mijn werk wegviel, zei ze meteen dat ze ging werken. Ze is bij een enquêtebedrijf aan de slag gegaan. Na een maand vroegen ze al of ze supervisor wilde worden. Het is nu financieel niet meer nodig, maar ze vindt het leuk en dan moet ze het gewoon blijven doen natuurlijk. Dan kijken we wel hoe we dat thuis oplossen.”

Servië

Dragan groeit op in Leeuwarden en Oosterwold, Friesland. Zijn vader is Fries, zijn moeder Servisch. Ze leerden elkaar kennen in het huidige Kroatië waar zijn vader naartoe was gelift. Na drie dagen trouwden ze. Zijn vader is maatschappelijk werker, zijn moeder is thuis bij de kinderen.

Dragan is de oudste, vier jaar later wordt zijn broertje geboren. Als kind turnt hij op hoog niveau, maar het vele trainen zag hij uiteindelijk niet meer zitten. En kon hij niet combineren met acteren, wat hij vanaf zijn vijftiende doet. Als kind brengt hij alle zomers door in Servië, nu heeft hij er een huis en probeert er zo veel mogelijk te zijn. “Ik voel me daar gelukkig, het zet me in contact met mijn andere helft.”

Lees ook
Actrice en presentatrice Saar Koningsberger (34) is geen pleaser meer: ‘Ik was vroeger pas blij als iedereen blij was’

Een paar maanden geleden heb je je Servische paspoort gekregen, was dat een emotioneel moment voor je?

“Ja! Zonder paspoort voelde het toch alsof ik Servië, dat óók mijn thuisland is, verloochen. Dus ja, toen ik mijn Servische paspoort in mijn handen had, was dat wel even een momentje. Ik heb recht op twee paspoorten, het mag, dus heb ik het aangevraagd. Ik kon ook niet meer ontkennen dat vijftig procent van mijn levensgeluk en vijftig procent van wie ik ben en waar mijn ideeën vandaan komen, gebaseerd is op dat andere land.

Het is soms moeilijk uit te leggen, omdat er geen interesse is naar wat een ander land met je doet. We zijn een beetje de kant op gegaan waarbij er wordt gezegd: kras maar een van die identiteiten weg, dan maak je het jezelf wat makkelijker. Maar daar ben ik mee opgehouden, want ik bén beide nationaliteiten.”

Lees het hele interview met Dragan Bakema in Flair 35-2021, deze ligt van 1 t/m 7 september in de winkels. Wil je ‘m liever laten bezorgen? Bestellen kan hier.

tekst Saskia Smith | fotografie Bart Honingh